Feb-09: 1714 Duitse Eenheid?

In Meiningen begon de dag (22 september) behoorlijk mistig. Reden om eerst nog even een kijkje te nemen bij hun spoorwegmuseum. Maar helaas, alleen rondleidingen en zodoende kon ik er pas om 12 uur terecht. Een paar uur rondjes fietsen zag ik niet zitten en zo’n enorme treinengek ben ik nu ook weer niet.

Ik zocht de Werraradweg weer op en ging verder huiswaarts, want de rivier stroomt daar nog (met veel geslinger) noord- en westwaarts. Mooie rustige weggetjes en de mist trok langzaam op. Tot Wassungen had ik vooral asfalt onder de banden, maar daar veranderde dat. Het spoorlijntje was aan mijn zuidwestkant van de rivier gekomen en daar lag 5 tot 40 meter hoger een prut/puinpad voor fietsers naast. De prut viel het meeste mee, maar het grove puin deden me af en toe afstappen. Ik hou liever mijn banden heel en sommige dalingen leken me ook niet echt veilig. Wel mooie vergezichten over de Werravallei.


Voor Bad Salzungen was het al een tijdje geheel onbewolkt, wat over hun meertje goed te zien is. Hun gradierwerkje (waar Emigrant me later op wees) is me totaal niet opgevallen. Maar ik heb er ook niet echt naar gezocht.

Vervolgens werd ik over de Krayenberg geleid en kwam ik in Kiezelbach. Dus een paar honderd meter klimmen en vervolgens weer dalen om weer bij de Werra uit te komen. Ik slingerde niet alleen in het horizontale, maar dus ook in het verticale vlak.

Bij Vacha ging ik de Werra over over een oude brug uit 1342. Een man gaf er een rondleiding en ik begreep dat dit de Brug der Eenheid was. Deze brug lag op de voormalige grens tussen Oost- en West-Duitsland. Raar want ik fietste gewoon van Thúringen naar Thüringen over deze brug. Als ik niet linksaf de brug was overgestoken, maar rechtdoor was gefietst, dan was ik wel meteen Hessen ingereden. Vacha is overigens ook een aardig plaatsje en ik kwam er nogal wat fietsers tegen.

Bij Philippsthal fietste ik dus wel Hessen in. Hier zag ik ook een enorme heuvel met zoutafval. Toevallig had ik de voorgaande avond een uitzending over deze heuvel gezien. Had iets te maken met het milieu, maar ik liet dat nogal aan me voorbijgaan. Wist ik veel dat ik er de volgende dag langs zou fietsen? Achteraf, na nazoeken, snap ik dat het een soort grensgeschil is. De heuvel (Monte Kali) ligt in Hessen, maar het afvalwater (regenwater) stroomt de Werra in, die vervolgens nog een heel stuk door Thüringen stroomt. Kortom de Duitse Eenheid verdient hier enige verbetering.

Ik kon de Werra verder vervolgen, maar dan ging ik naar het noorden en zelfs een beetje naar het oosten. En ik zou weer bij Eisenach uitkomen, waar ik een jaar eerder gefietst heb. Dat leek me niet slim. Ik nam de ‘pass’ naar Bad Hersfeld. Je zou het een echte pass kunnen noemen, maar ik heb geen pass-naam gezien. En toen ik er aan begon wist ik niet eens of het een pass was.

Ik begreep wel dat ik over een setje flinke heuvels moest. Na wat aanrommelen dacht ik; dit gaat zo niet lukken. Ik fiets naar het noorden en wil naar het westen. Dus terug en vervolgens wat fiets- en andere wegwijzers opgevolgd. Ook niet echt duidelijk en een grote plaats als Hersfeld stond er niet op. En zo stond ik op een heuvel bij Gethsemane en had ik opeens een mooi zicht op die Monte Kali.

Al voor Ransbach raakte ik alle wegwijzers kwijt. Dit schoot dus niet erg op. In de verte zag ik een grotere weg en ben daar toen op af gefietst. Mijn landweggetje sloot er niet op aan. Inmiddels was ik gewend aan prutfietsen, dus een stukje akker moest te doen zijn. Gelukkig is mijn fiets met bagage nog geen 25 kg en kon ik ‘m eenvoudig over de vangrail tillen.

Het was een mooie nieuwe 2-baans hoofdweg en ik had geen idee of ik er op mocht fietsen. Maar goed, zo druk was ie niet en de automobilisten toeterden evenmin. Ik ging zo wel op de eenvoudigste manier over de pass (dus het laagste deel tussen heuveltoppen). Bij de eerste grote afslag fietste ik Schenklengsfeld in. Vanaf hier ging een mooie weg naar Bad Hersfeld. Dat leek me wel wat.

Ik zoefde nu heel geleidelijk bergafwaats. Onderweg nog een foto gemaakt van een gehucht vol met zonnecollectors. Bayern stond daar ook vol mee. Op die foto is al een soort onderweggetje te zien. Niet veel later begreep ik dat dat een prachtig fietspad was op een oude spoorlijn. Sterker nog voor Schenklengsfeld had ik nog wagons op die lijn gezien. Het leek me een goederen lijn, want oude stations of haltes heb ik niet gezien. Het was wel schitterend fietsen over een licht aflopend biljartlaken met hele ruime bochten.

En via een grote lus ging ik over de Fulda en kwam ik bij het station van Bad Hersfeld aan. Na ruim 120 km werd het tijd om een slaapplek te scoren. Alleen was er een probleempje, de stad lag aan de andere kant van die hoofdspoorlijn en ik heb geen idee hoe ik die moest kruisen. Uiteindelijk deed ik dat over een 1-tegelig stoepje langs een 4-baans weg tegen de rijrichting in.

In het centrum van Hersfeld was een gesloten VVV met aan de wand wat meeneem A4’tjes. Zo kon ik zelf een mooi pension tegen een goeie prijs uitzoeken. De pensionhouder keek verbaasd op dat ik zo rond half 7 bij hem aanbelde. Hij had plek genoeg, en het zag er netjes uit.

Ik zat aan de kurortkant en zag dus later ook hun fraai verlichte kurpark. In het stadje was een oude kerk en ik moest er lachen om de oprichter; de heilige Lull. Vervolgens in een chinees restaurant deelgenomen aan het lopend buffet; all you can eat voor 6,95. De kwaliteit en gevarieerdheid was prima. De volgende ochtend heb ik nog het stadhuis op de foto gezet.

Begin | Landkaartje | Vervolg

Advertenties

Geplaatst op 2010-02-09, in Brugmatig, Milieumatig, Zwerfmatig-9 en getagd als , , , , , , , , , , , , . Markeer de permalink als favoriet. 7 reacties.

  1. Dat zijn toch aardige afstanden, zo’n 120 km. En je ziet op een fiets uiteraard ook nog een hoop meer. Valt het met de prijzen van de diverse pension of hotels wel meer daar?.

  2. @Me!: Wat mij betreft valt het in heel Duitsland mee. Er zijn veel dure hotels, maar er is ook veel met schappelijke prijzen. Deze koste 36 euro voor een nette eenpersoonskamer met douche en ontbijt.
    Voor 2 personen ligt de prijs per persoon een stuk gunstiger. Er zijn ook veel meer 2-persoonskamers, die gemiddeld rond de 60 euro per kamer liggen.
    Zimmerfrei kan nog goedkoper, maar dan ben je meer gebonden aan de touristische gebieden. Dus langs de Weser en Moesel is voldoende, maar in onbekendere steden is veel minder te vinden. In de minderbekende gebieden en steden liggen de gewone hotelprijzen wat lager tenzij er een Siemens, Audi of bijvoorbeeld SAP gevestigd is.
    Het is me teveel werk om die zimmerfreidingen van tevoren uit te zoeken en vaak willen ze ook dat je iets van tevoren bespreekt. Daar ik niet weet waar ik naartoe fiets gaat dat lastig.
    In dit geval was het het eerste adres waar ik op af fietste. Op het VVV A4’tje stond dat er 8 eenpersoonskamers waren en dat is behoorlijk veel. Ik vond het dus niet vreemd dat ik er zo terecht kon. Als dat niet was gelukt, dan had ik aan die persoon om advies gevraagd. Die geven ze graag. En anders stonden er nog 10 gegadigden op dat VVV A4’tje.

  3. Tjonge, Xiwel, je hebt echt fietserszitvlees. Die Heilige Lull doet me denken aan een collega van mij, van wie ik in het begin nogal moeite had zijn achternaam uit spreken en mijn gezicht in de plooi te houden: Kött. Spreek uit “Kut”.
    Hoeveel km heb je op die dag “te veel” gereden doordat je weer terug moest?

  4. Mijn vroegere chef moest eens in Nederland een lezing houden over Ramón Lull, een Catalaanse geleerde uit de Middeleeuwen. Ik heb hem aangeraden de naam op zijn Latijns uit te spreken: Raimundus Lullus. Maar dat is minstens zo zot.

  5. @Bob: Dat terugfietsen was maar een kilometer of 5 en aansluitend fietste ik een kilometer of 10 om. Nu pas zag ik dat die weg die ik aanvankelijk nam een stuk korter was. Had ik maar m’n kaart uit de fietstas moeten pakken. :-)
    Dat zitvlees went. Zeker als je elke dag een flink stuk fietst. En eigenlijk moet je alleen oppassen met klinkerwegen (heb je bijna niet in Duitsland) of puinwegen. Deze dag had ik toch zeker voor 90% glad asfalt. Dus geen enkel vuiltje aan de lucht.

  6. @Emigrant: Mijn vroeger RK-buurvrouw zei te pas en te onpas: ‘Ach lul niet zo!’ Zij vond dat heel normaal en wij als kinderen dus niet. Ik vraag me wel af of het Engelse ‘lull’ van inslaaplullen (lullebye) iets te maken heeft met het Nederlandse lullen als slap ouwehoeren en/of met deze meneer Lull. Misschien maakte die man ellenlange preken, waarbij iedereen in slaap viel. :-)
    In Hersfeld is dus ook een Lullusstrasse.
    Maar goed ik vond Wim Kok ook erg moedig toen ie naar de USA ging. :-)

  7. Griekse vrouw in Engelse pub: One Cock please! (ze kon de lange o niet zeggen.)
    Man achter de tap: Don’t say that agin, lady! If you say it once more, I’ll give it to you.

Reaxi (laat het e-mailvak leeg):

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s