Jan-25: Langs de Loire

Deze dag (dinsdag 17 september 2013) lukte het me wel om de laatste 30km naar de Loire af te leggen. Het was nog wel somber weer, maar het bleef die fietsdag droog. De route lag voor de hand, in Châtillon-Colligny stond Gien (de eerste stad aan de Loire waar ik me een beetje op verheugd had) al op de wegwijzers. Langs het kanaal fietsen was vanaf hier ook onmogelijk, dat had ik gistermiddag al ondervonden. Ik had toen een kilometer of 2 langs het kanaal gefietst over een matig pad en mocht weer diezelfde afstand terug omdat het pad bij een privéhek van een sluiswoning eindigde. En eenmaal terug begon het flink te regenen wat ik in de vorige aflevering heb beschreven.

Dus nu maar de gewone weg, die niet zo druk was. Net na La Bussièrre vond ik een aardig bospad langs een meertje. Dat pad leek leuker dan het in werkelijkheid werd. Het slingerde en week uiteindelijk af richting oost. Dat was niet bepaald de bedoeling. Bij een volgende grote weg nam ik die grotere weg die naar het zuidwesten ging. Precies wat ik wilde. Klein nadeeltje was dat dit uiteindelijk zo’n D-weg in de 900-serie betrof. Die zijn groter. Zo groot dat deze 4-baans was en dat ik de vluchtstrook voor mezelf had. Het was niet verboden om hier te fietsen en de landwegen die aan weerszijde parallel liepen waren nog minder aantrekkelijk. Dat waren echte tractorpaden en daar zijn mijn banden te smal voor. Voordeel was dat er flink aan de weg werd gewerkt. Op een plek of 4 trof ik asfalteermachines en daaromheen waren verkeersregelaars in de weer om de auto’s (en mij) er langs te laten.

Van Gien had ik meer verwacht. Het is een stadje waar porcelein naar vernoemd is dat in Nederlandse winkels te koop is. Dus dacht ik aan een soort Delft. Maar Gien was kleiner en vooral saaier. Er is wel een kasteel, maar meer in de vorm van een groot oud ziekenhuis. De oude brug over de Loire was het enige waar ik mijn fototoestel voor uit de tas haalde.

Langs de Loire ging ik stroomafwaarts. Ik deed dat aan de noordkant en kwam zo langs de grote kerncentrale van Dampierre. Pas bij Sully kwam ik er achter de Loire-fietsroute hier aan de zuidkant lag. Sully heeft een typisch Bommelkasteel. Aan de oostkant was een aardig parkje met wat bankjes. Die waren goed bezet. Een bankje iets minder. Daar zat een fietser wat brood te smeren en hij maakte netjes ruimte zoadat ik er naast kon zitten om wat supermarktproviant naar binenn te schuiven. Het was een Fransman die goed Engels sprak en de Loireroute stroomopwaarts nam. Hij wilde deze dag naar Briare. Daar is een aquaduct. Ik had ook beter een klein stukje om kunnen fietsen via Briare. Dan had ik niet alleen het aquaduct gezien, maar was ik ook nooit in aanraking gekomen met die drukke D940. Maar dat is achteraf gezeur en daar hou ik me tijdens het fietsen nooit mee bezig.

Vanaf Sully stak het Loirefietspad over en moest ik jnu wel aan de noordzijde van de rivier zijn. Het pad zag er prachtig uit en ik liet me verleiden. Onderweg informatieborden en een mooi stuk door een natuurgebied. Het slingerde alleen nog erger dan de rivier. Rechts zag ik een fraaie abdij en die bleef ik maar zien. Eerst vanaf de oostkant toen vanaf de zuidkant en aan het eind vanaf de westkant. Vandaar toch maar even naar die abdijkerk gegaan. Hij was open en er liepen aardig wat touristen binnen.

Ik slingerde nog wat verder en kwam zo in Châteauneuf-sur-Loire. Daar had ik best kunnen overnachten. Het zag er aardig uit en er waren hotels. Maar ik vond het er nog wat te vroeg voor. In die plaats vond ik een fraaie markthal met kerkklok, waarbij de hald dienst deed als een overmaatse carport. Een paar honderd meter verder trof ik een fraai park dat bij een museum hoorde. Mij vielen vooral de kleurige planten bloemstukken op. Na een kleine parkwandeling fietste ik verder en kwam zo in Saint-Denis-de-l’Hôtel. Dat leek me een grappige plaats om te overnachten. Een hotel vond ik er niet en het dorp was ook redelijk saai.

Toch vond ik het tijd voor een overnachtingsplek. Ik had al eens in Orleans overnacht en als ik 20km door zou fietsen, dan was ik wederom in die stad. En als het even kan overnacht ik liever in een plaats waar ik dat nog niet eerder heb gedaan. Dat bleek achteraf niet moeilijk. Ik fietste de brug over en kwam zo in Jargeau. Moeiteloos fietste ik op een hotelletje af dat de juiste afmeting had, er gezellig uitzag en een gunstige prijs vroeg. Jargeau zelf is een klein stadje met wat smalle autovrije straatjes. De keuze was dus snel gemaakt en ik kon er terecht.

Een grappige bijkomstigheid was dat het ‘hotel’ vanwaar ik vertrok ‘Auberge du Cheval Rouge’ heet en deze ‘Le Cheval Blanc’. Dit witte paard was een stuk normaler. (Toen ik de quizvraag maakte heb ik via streetview nog eens die herberg van het rode knol bekeken. Die ziet er in Mei-2013 ook heel gewoon uit met een keurig ‘hotel’-bord. Waarschijnlijk is er daarna iets mis gegaan of hadden ze na de zomer al flink teruggeschakeld naar standje minimaal.)

Na 83km fietsen had ik mijn fiets net droog gestalt en vervolgens viel er toch nog een redelijk buitje. Die had dus keurig op mij gewacht. Overdag was het een graad of 16 en door de stevige tegenwind (West-5) voelde het wat kouder. Die wind begon aan het eind van de dag af te nemen, dus stond ik er niet versteld van dat er nog een bui volgde. Na de douche nam ik de paraplu mee voor een stadswandelingetje, maar die was niet echt nodig. Na een flinke wandeling was mijn oog gevallen op een Thais restaurant, alleen ging die pas om 19 uur open. Dus werd het eerst nog een biertje in een café dat er erg netjes uitzag en achterin een meters breed scherm had met een of andere sportwedstrijd. Ook dit was een PMU en dus zag je er regelmatig mensen naar binnen wippen voor een gokje en een petit café. Ze zijn ook zo weer vertrokken zonder enige prijs.

Wel informeerde ik of zij morgenvroeg ook broodjes hadden. Stond wel netjes op de lijst, maar je weet maar nooit. Bleek geen enkel probleem. Dus geen hotelontbijtje. Mijn tijd kon ik er goed doorkomen. Net na Gien had ik bij een grote supermarkt eindelijk een overzichtskaart van Frankrijk aangeschaft. Die had ik niet van thuis meegenomen en Frankrijk komt er in mijn Duitse kaartenboek erg bekaaid af. Eerder had ik wel een detailkaart van Bourgogne gekocht. Daar was ik inmiddels uitgefiets en het is daarbij prettig om een beetje overzict te hebbem. Kortom ik krastte de route op mijn gebruikelijke manier achteraf op denieuwe kaart, maar dan van de Duitse grens tot hier in Jargeau.

Bij de Thai was ik niet de eerste. Net voor mij schoof een Nederlands sprekend stel naar binnen. Nederlanders spreek ik voldoende in het eigen land en dus liet ik ze maar denken dat ik een Françoos was. De Chinees die de eigenaar was van deze ruime zaak sprak goed Frans, maar zal niet in de gaten hebben gehad dat al zijn klanten uit Nederland kwamen. Een echte Fransman zal wel gedacht hebben; ‘die zijn zo vroeg, dat moeten wel hollanders zijn.’

Thaise gerechte hebben lekker veel groente en daar koos ik dan ook speciaal voor. Ik moet het menu wederom inzien om te weten wat ik precies at. Vermoedelijk zaten er brokjes kip bij, maar helaas heb ik dat niet in mijn agenda geschreven

Begin | Landkaartje | Vervolg

Advertenties

Geplaatst op 2014-01-25, in Brugmatig, Zwerfmatig-13 en getagd als , , , , , , , , , , . Markeer de permalink als favoriet. Een reactie plaatsen.

Reaxi (laat het e-mailvak leeg):

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s