Nov-08: 1999-Aanvullingen

Gisteravond heb ik m’n verslag en ‘foto’s‘ van m’n fietsvakantie in 1999 online in 3 delen: deel 1deel 2deel 3 herplaatst. Het was een van m’n eerste fietsverslagen die ik rond 2002 op m’n website zette. Die website hield het vol tot 2009 en toen liet de provider het afweten. Ik had via hen nog wel een ADSL-verbinding, maar moest het toen doen zonder mailadres en zonder website. Jammer, maar omdat ik toen ook al blogde bij Webminlog had ik bedacht om dit oude verhaal daar naartoe te verplaatsen. Met een aantal van die verslagen is dat gebeurd, maar aan 1999 ben ik nooit toe gekomen, want toen schee ook Webminlog er mee uit.

Cadillac
Een paar dagen terug schreef ik over een aardige ervaring in Cadillac en bedacht ik om toch ook maar de rest van dat fietsverhaal uit 1999 op dit blog te herplaatsen. Het werk viel wel mee en het verhaal heb ik vrijwel gelaten zoals ik het in 2002 opschreef. En dat was vrij eenvoudig. Ik had toen nog geen idee hoe bezoekers op dat soort verslagen zou reageren, simpelweg omdat een reactievak destijds ontbrak.

Ontrasteren
Met de kennis van nu had ik er een langer verhaal van gemaakt. In elk geval heb ik de foto’s beter ingescanned op een grotere afmeting. Ik heb er ook een paar toegevoegd. In 2002 ging je schaars met foto’s om, vanwege het inbellen met een 56K4-modem. Dat is dus 0,0564Mbps en tegenwoordig kijk ik er met 38Mbps iets anders tegenaan. Nou maakte ik ook nog eens weinig analoge foto’s en kocht regelmatig ansichtkaarten, die ik dagelijks volgeklad huiswaarts stuurde. Het ontrasteren van die kaarten viel met mijn wat nieuwere scanner tegen. Uiteindelijk ging het beter door gewoon met mijn digitale camera een foto van de ansichten te nemen.

Band en Pomp
Ergens halverwege Amiens en Rouen had ik een lekke band. M’n buitenband was versleten. Ik trof een fietsenwinkeltje en die had Michelin-banden. Daar had ik goede ervaringen mee, dat kwam mooi uit. In de trein naar Roosendaal was ik m’n fietspomp kwijtgeraakt en die kocht ik dus ook meteen maar. Een simpele plastic Zefal voor 7,5 FFR, wat nu een dikke euro is. Die fietsband heeft het -geloof ik- nog wel de vakantie uitgehouden, maar niet veel later liet het complete loopvlak los. Dat ding was dus uitgedroogd en te oud aan mij verkocht. De pomp daarentegen was voortreffelijk. Die heb ik tot een paar jaar terug zo’n 15 jaar gebruikt. Daarna dus weer een keer kwijtgeraakt. Gelukkig vond ik er nog een van hetzelfde type in de overjarige bak achter de toonbank van een fietsemaker in Heerhugowaard. Die vroeg er maar liefst 3 euro voor en ik ben daar prima mee geholpen.

Citadellen
Bij Brouage trof ik een fraaie en zeer eenvoudige vierkante citadel. Niet veel later een meer traditionele op het eiland Oleron. En 100km verder weer 1 in Blaye bij Bordeaux. Dat terwijl ik eerder in Hulst, Ieper en Saint-Malo ook al een citadel zag. De grote rots van Granville was ook gefortificeerd met daarop wat grote gebouwen. Toch was dat niet echt een citadel. In Caen was het meer een burcht, maar wel een met behoorlijke afmetingen. En ook daar had Vauban flink gefortificeerd. Later kwam ik er achter dat ik ook een citadel in Arras had kunnen bekijken, dat probeerde ik een paar jaar geleden. Wat ik niet wist is dat IJzendijke (de 2de foto met muziektent) ook ee citadel is. Destijds zag ik wel wat water en een dijkje, maar nu (in 2016) pas zag ik via de luchtfoto van Google-maps dat ook hier de opvallende citadelvorm. Wat dat betreft is het altijd leuk om nog eens het een en ander na te zoeken.

In het afgelopen jaar zag ik via de Tour de France beelden dat ik nog een mooi vestingstadje had gemist, Aigues Mortes in de Rhône-delta. Het ligt op 17km van Lunel en als ik het toen had geweten, dan had ik maar een klein stukje anders moeten fietsen om er door te gaan. Maar ja, tot een half jaar terug had ik er nog nooit van gehoord en deze gaat dus in de koelkast tot ik weer eens daar in de buurt kom.

Een Zwerm ‘Akkershuitjes’
Na Oleron fietste ik richting Royan en had ik op de 2 lange bruggen aldaar goed zicht op brede riviermondingen bij de Golf van Biskaje. Op een bepaald moment zag ik een zwerm schuitjes van zee terugkeren. Zeker een stuk of 50 en ze gingen behoorlijk snel. Plat en ongeveer 8 meter lang en 2 meter breed met een 1-persoons stuurhutje. Destijds heb ik er geen foto van gemaakt en het kwam ook niet voor in het oude verslagje. Toch vond ik het een apart tafereel en heb destijds wel de code van de vissershaven opgenomen, te weten MN voor Marennes. (Ik verzamelde toen al afkortingen.) Net even nagezocht en het blijkt om oestervissers te gaan, die afmeren in La Tremblade en La Cayenne. Die dorpjes heb ik nooit gezien omdat k een mooie weg door een bos vond. Hier een foto van zo’n mal schuitje.

‘Dwarspont’ Royan-Medoc
In m’n verslag schreef ik kort over en dwarse veerpont, die snel via de zijkant werd geladen. Daar is wel iets meer over te vertellen, alhoewel de foto die ik destijds nam redelijk duidelijk is. De zijkanten kunnen naar beneden en dienen als op- of afrit. Het schip werd via de bakboordkant (links in de vaarrichting) geladen en later legde hij met de stuurboord (rechts in de vaarrichting) aan de overkant aan. Dus geen gekeer of gedraai voor de (vracht-)auto’s. Maar ze stonden er wel een tikkie scheef op, hellend naar achterkant van het schip. Dat had te maken met het getijde dat daar heerst. Daar hadden ze een simpel idee voor bedacht, wat op de onderstaande foto en schets te zien is.

De aanlegkade op de achtergrond werd destijds gebruikt. Bij laagwater lag het schip meer richting Golf van Biskaje en bij hoogwater meerde hij meer richting land (rechts op de foto) af. Het schip had eenzelfde helling, zodat er zo’n 10 auto’s naast elkaar gelijktijdig het schip konden rijden. Geen moeilijk gedoe met een vereffeningsbrug, die onder andere in Den Helder en op Texel worden gebruikt. Het ging dus verrassend vlot. Probleempje was wel dat de vrachtwagen op de foto iets te lang was. Daarom staat de truck een beetje scheef.

Ik heb ervaring met ruim 100 veerpont-achtige vaartuigen, maar deze methode zag ik hier voor het eerst en tot nu toe voor het laatst. Inmiddels hebben ze er dus een ‘normale’ veerpont en zie je op de Google-opname hierboven op de voorgrond rechts het vereffeningssysteem dat ze ook daar nu gebruiken. Ben benieuwd of het aanmeren, lossen, laden en afmeren nu meer tijd neemt dan met die oude dwarslader.

Lyon/Villeurbanne
Destijds was het in het Rhônedal akelig heet en sloeg ik een deel over met de trein. Ik kocht een kaartje van Avignon naar Lyon en ontmoette een stel in de trein die met een stel fietsen de trein in Avignon flink ophield. Ze hadden een overmaatse fietskar die ze niet uit elkaar kregen. De conducteur hielp ons keurig en geduldig mee om dat ding naar binnen te wurmen. Onderweg begreep ik dat ze naar Mâcon gingen, een uur verder dan Lyon. Zelf heb ik ook overwogen om m’n kaartje te verlengen, maar dat extra uurtje stond me tegen. Ik had (zoals gebruikelijk) niets geboekt en moest in Lyon nog een slaapplek zoeken rond 7 uur ’s avonds. Misschien was dat in Mâcon een uur later wat lastiger.

Kortom ik stapt uit in Part-Dieu, hun grote station aan de oostkant. Al fietsende zag ik een redelijk hotel, ze hadden ruimte een airco en het was niet bezopen duur. In het hotel wilden ze wel graag dat ik m’n fiets zo snel mogelijk in de afgesloten garage zette. Ik kreeg ook de tip om ’s avonds niet de wijk in te gaan. Iets wat ik wel deed, en ik heb er redelijk gegeten. Ik overnachtte niet in Lyon maar in Villeurbanne, de beruchte buitenwijk van Lyon die in een adem genoemd wordt met de probleemwijken van Parijs en Marseille. In m’n verslagje schreef ik in 2002 dat Lyon niet zo’n verstandige keuze was. Dat was duidelijk een understatement, aan de andere kant heb ik er geen echte problemen gehad.

Het grootste ‘probleem’ was de airco. Het was hier minder warm, maar onnodig was ie zeker niet. Alleen wilde ik hem in de nacht (vanwege het geluid) uit zetten en dat ging volgens de receptie niet. Dat was centraal geregeld. In m’n kamer gekomen keek ik toch maar eens achter een rasterplaat, die ik eenvoudig kon verwijderen. ‘Mijn’ airco zat gewoon met een stekker in het stopcontact. Voor de andere kamers zal dat niet anders geweest zijn. Al deze airco-stopcontacten zullen wel achter 1 hoofdschakelaar bij de receptie hebben gezeten. Dus haalde ik mijn stekker er uit en dat zal geen enkel probleem voor de andere kamers opgeleverd hebben. De volgende dag heb ik het centrum van Lyon bekeken en ben ik verder noordwaarts gefietst.

Advertenties

Geplaatst op 2016-11-08, in Fietsen, Zwerfmatig en getagd als , , , , , , . Markeer de permalink als favoriet. 2 reacties.

  1. In de buurt van Oleron zijn we een paar jaar terug twee maal geweest. Op een camping bij La Rochelle. Meestal is het heel fijn weer daar. Beetje tropisch….

  2. Ik heb nog een stukje over die aparte veerpont toegevoegd. Dat was ik gisteren meteen al van plan, maar was ik tijdens het schrijven vergeten.

Reaxi (laat het e-mailvak leeg):

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s