Site-archief

Mrt-12: 18 Via Zoutleeuw

De volgende morgen sprak ik weer de huisman. Hij had een prima ontbijt klaar gezet en was een leuke gesprekspartner. Het was een kersenboerderij, zoals er in die omgeving erg veel fruitbedrijven zijn. Daarnaast had ie allerlei cursussen (o.a. metselen en loodgieten) gevolgd om zijn huis te verbouwen. In mijn ogen had ie dat prima gedaan. Ik fietste vervolgens naar een reisdoelletje dat een paar dagen terug opborrelde. Dwz België heb ik vaakgenoeg doorkruist. Al hun provincies heb ik een aantal keren bekeken, maar er schiet natuurlijk wel eens iets over.

Dat was het geval met de volgende plaats waar ik kwam. Die plaats werd me ooit aangeraden door de verhalen van Peter van Bruggen. In zijn serie De Nachtrijder deed hij ook Zoutleeuw aan, een stadje dat het nooit gemaakt heeft. Van Sint-Truiden naar Zoutleeuw is maar enkele kilometers en ondanks het omfietsen via knooppunten over leuke lege landweggetjes was ik er zo. De beschrijving van Van Bruggen klopte aardig. Een stadje met een paar honderd jaar terug grootse idealen, maar duidelijk uit de markt geconcurreert door plaatsen die aan betere (vaar)wegen lagen als Hasselt en Sint-Truiden.
Lees de rest van dit bericht

Advertenties

Mrt-10: 17 De Limburgen

Op 29 september vertrok ik alsnog richting België. Ik had daar inmiddels een leuk ideetje voor bedacht om op het smalste stuk bij Sittard Nederlands-Limburg te doorkruisen. Dat ging eigenlijk best goed via Gangelt. Volgens hun infobord moest hier ook een touristische stoomtrein zijn, maar zelfs een station heb ik niet kunnen vinden. Verder was het er wel aardig fietsen, maar meer ook niet.

Het was wederom zo’n 27 graden en ik had een beetje voor de wind. De bundesweg-56 was me net wat te groot en daarom fietste ik over parallelwegen, wat bij Mindergangelt misging. Ik kon rechtdoor een wildpark in, of rechtsaf een twijfelachtig landweggetje op of toch maar vroegtijdig Nederland in. Ik koos voor het laatste en kwam zo door Jabeek. Vandaar werd Sittard goed aangegeven en fietste ik het laatste stuk op mijn eigen manier om verkeerslichtloos in het centrum uit te komen.

Daar was een drukke markt en de terrassen zaten stampvol. Ik wilde er toch wel koffie bijtanken, vergezeld van een punt vlaai. Daartoe wurmde ik me door het terras en vond zo nog een lege stoel. Aan dat tafeltje zat dus ook iemand anders. Een man die in Duitsland (maar een klein stukje over de grens) woonachtig was en redelijk Nederlands sprak. Hij kwam vaker in Sittard en was het met me eens dat het een mooie en gezellige stad is.
Lees de rest van dit bericht

Mei-04: Fietsvakantie 2001

Ik heb net een oude websitepagina met wat foto’s online gezet over mijn zwerffietsvakantie in September-2001. Die pagina had ik oorspronkelijk gemaakt voor mijn website, die ik rond 2001 nog maar net een jaar had. Ik belde nog in met 56K6 en was daarmee zeker niet de enige. Veel mensen hadden een nog tragere verbinding van 33K6. Nu surft een gemiddelde Nederlander met zo’n 15.000K (Kbps) of wel 15Mbps.

Met mijn website hield ik daar rekening mee. Foto’s mochten, maar in het verhaal erg klein en pas als je er op klikte een stuk groter. Het zijn daarbij ingescande foto’s, want een digitale camera had ik nog niet. Kortom een matige kwaliteit. Het verhaal en de lay-out heb ik gelaten zoals ik het toen bedacht heb. Zaken als menu’s heb ik er uit gesloopt, aangezien dit weblog anders werkt.

Lees de rest van dit bericht

Nov-15: Be-Lg-Ie

Het Goede Doel (met Utregs reserve burgemeester Westbroek) bracht in de 80’er jaren het liedje ‘België’ uit. Een aardige plaat over een migratieprobleem. De zanger (en Leefbaar Nederland- en daarmee Fortuyn-oprichter) Westbroek twijfelt daarbij sterk om te verhuizen naar België. Iets wat een aantal economische vluchtelingen van Nederlandse komaf heeft gedaan.

Inmiddels moeten Westbroek en aanhang voortmaken, want België is aan het afbrokkelen. Vandaag staat een stukje op teletext dat de vlaamse gouverneur de Limburgen wil samensmelten. Het is nog even wachten en er komt eenzelfde voorstel voor de (Nederlandse en Belgische) Brabanden, de (Luxemburgse en Belgische) Luxemburgen, de (Franse en Belgische) Ardennen en als klap op de vuurpijl de (Noord-Franse, Belgische en Zeeuwse) Vlaanderennen (of Flandria).

Het is duidelijk dat de ratten het zinkende schip, dat België heet, ontvluchten. Dat federaal verdeelde land heeft zoveel tijd in ‘hun’ EU-hoofdstad gestoken, dat ze andere belangrijke zaken als ‘binnenlandse samenwerking’ compleet vergeten zijn. Inmiddels wordt dat pijnlijk ondersteerpt met de langstlopende kabinetsformatie die ze ooit gekend hebben. Na een half jaar is er nog geen enkel zicht op ook maar iets dat op een kabinet lijkt.

Het knelpunt ligt ergens bij Waterloo tussen Brussel en Nijvel (of Bruxelles en Nivelles) en gaat om het BHV-kiesdistrict. Wat wij normaal vinden (dat bijvoorbeeld een Noord-Hollander op een Limburger mag stemmen), kan in België alleen in BHV (Brussel-Halle-Vilvoorde). De Walen willen dat zo (en België bijeen-) houden. De Vlamingen willen echter dat er net als in de rest van dat ‘land’ alleen nog maar op buurtpartijen gestemd mag worden. (Dus Noord-Hollanders op Noord-Hollanders en Limburgers op Limburgers.)

De EU kent ook zo’n federale kiesaanpak, en het is de manier om verbroedering en/of verzustering te ontmoedigen. Deze ‘eigenbuurt-eerst’-methode is zeker te danken aan de grote aanhang van meneer de Winter. Helaas is zijn visie ook overgeslagen op Wilders en Verdonk en het duurt niet lang of Kamp wil ook dat Nederland in kampen wordt opgedeeld.

Nu maar hopen dat de versplintering niet zo ongunstig afgewikkeld wordt als in het voormalige federale Jugoslavija.

Oct-14: 0477-Ostkantons

Het voordeel van de hoogste Belgische heuvel is dat ik daarna een tijdje niet hoefde te klimmen. Tot in Robertville ging ik met een gangetje van ruim 50 naar beneden. Dat plaatstje zag er aardig uit en ook daar was een kermis. Toch vond ik het te vroeg om er die dag te beëindigen. Bütchenbach leek me een beter plan.

Lees de rest van dit bericht

Oct-11: 0444-Botrange

Het weer was duidelijk beter geworden en het fietsen van de afgelopen dagen viel me erg mee. Dus ging ik maar verder de ingeslagen weg in, ofwel meer zuidwaarts. Alhoewel, toch eerst nog een beetje naar het oosten via Reijmerstok en Euverem naar Gulpen. Daar bezocht ik een ijzerzaak van de grasmaaierspecialist die ik een dag eerder op het kampeerterrein sprak. Hij zei nog; “kom even langs”, dus dat deed ik.

Door de drukte heb ik m’n bezoekje kort gehouden. Zo erg was dat niet, ik had geen ijzerwaar nodig. Vanaf daar dwaalde ik via Partij, Mechelen en Epen Nederland uit en Wallonië in. Daar begon het al goed met een weg die weg was. Mijn vader noemde het wegwerken van kuilen in de weg: ‘De weg ophalen.’ Dat was hier erg letterlijk gebeurd, ben wel benieuwd wanneer ze ‘m weer terugbrengen. Er lag nu alleen een bedding van grof puin. Gelukkig heb ik een hybridefiets met dikkere banden en lukte het me om door het puin te fietsen. Een paar honderd meter verder kon ik weer gebuikmaken van een heerlijk lege asfaltweg.

Lees de rest van dit bericht

Mei-14: Buurtstemmers

Met mijn topotic en tic-de-statistique ontkom ik er niet aan om iets over het Eurovisie Song Festival te loggen. Ik vind het winnende deuntje van Servië niet verkeerd en zeker een betere keus dan het niemendalletje dat Nederland inzond. Maar daar wil ik het niet over hebben.

Mij sprak vooral de ophef aan dat oostbloklanden op oostbloklanden stemden. Dat men op elkaar stemt is niet nieuw en is volgens mij al gaande zolang het ESF bestaat. Deze keer was Nederland daar echter de dupe van dus kon kritiek niet uitblijven.

Lees de rest van dit bericht

Nov-11: Ville Vauban

Even een apart log over citadellen. In Frankrijk en België staat daar vaak Vauban bij. Deze markies was een bedenker van dit soort versterkte plaatsen, en vaak een verbeteraar van bestaande citadellen. Vauban was een militair bouwkundig engineer. Soms is het alleen een groot fort op een strategische plek zoals in Bitche en Belfort. Beide lijken sterk op elkaar. Die van Belfort heb ik in 2003 bekeken.

Tijdens mijn vakanties ben ik door veel plaatsen met een citadel gekomen, waarbij de naam Vauban genoemd wordt. Goed voorbeeld zijn Blaye en Besançon. Die lijken ook op deze citadel met (soms een dubbele) droge gracht er omheen.

In 1999 trof ik er 3 op rij, voor Blaye fietste ik door Oleron en Brouage en een stuk eerder door Ieper en Arras en veel verder door Perpignan. Die van Brouage is heel anders, daar zit een volledig dorp tussen de muren. Dat is ook zo bij Neuf-Brisach die prachtig 8-hoekig is opgezet en waar ik 2x geweest ben. De eerste keer in 2000. Ik fietste toen ook door Metz. In 2001 ging ik door Namur daar ligt ook zo’n groot geval van Vauban bij de Sambere-Maas samenstroming. Zo ik het nu zie heeft ie niet meegedacht aan de forten van Huy, Dinant en Givet die ik in dezelfde vakantie zag.

Hij werkte wel aan de citadel van Toul waar ik in 2005 was. Dat geval van Verdun is waarschijnlijk een stuk recenter, net als die van Jülich.

Andere steden met een citadel waar ik gefietst heb en Vauban gefortificeerd, zijn: Antibes, Bayonne, Bergues, Bouillon, Gravelines, Kehl, Luxembourg, Maastricht, Maubeuge, Morlaix, Saint-Malo, Saint-Omer, Sedan, Sisteron, Ieper, Colioure, Rochefort en Toulon.

Nou wil ik die van Bergues nog een keer goed bekijken. Ik ben ooit dwars door hun leuke grachtencenrum gefietst en hun citadel is me nooit opgevallen.

Vauban heeft ook gewerkt aan Landau waar ik 100km eerder door fietste. Nu begrijp ik beter de ruime rechthoekige indeling van die stad. Toch heb ik er geen citadel in herkend. Mogelijk is er nog ergens een stuk vestingsmuur te vinden, maar niet op de manier zoals ik er in en er uit ging.

Vauban was trouwens niet de enige die dit soort dingen ontwierp. In Nederland liggen er ook hele mooie, zoals bijvoorbeeld Naarden, Heusden en Willemstad en natuurlijk de Stelling van Amsterdam. Die van Bourtange vind ik de mooiste en die van Bitche lijkt me het imposantste.

De Bult van Bitche

Vanaf de weg gezien.

Dec-31: Hellingproef

Het heeft even geduurd, maar eindelijk heb ik dan mijn fietsvakantie op m’n website gezet. Deze keer heb ik het een beetje anders gedaan met een beeldverhaal. Ik vond het leuk om daar zelf iets in javascript voor te verzinnen.

zie Fietsvakantie-2005. **)

Zoals gebruikelijk trapte ik deze vakantie ook zomaar een eind heen, onder meer om wat af te vallen. Na een maand bijna niet gefietst te hebben lukte het wonderwel en had ik nergens last van. Een echte route heb ik nooit voor ogen, alles hangt erg af van het weer en wat ik onderweg tegenkom. Via horen zeggen en TV-documentaires heb ik wel wat dingen in m’n hoofd en als dat zo uitkomt, dan fiets ik op zoiets af.

Zo wilde ik altijd al eens Leuven en Soissons zien, wat deze vakantie dan ook lukte. In het prachtige VRT-programma ‘Bourgondisch Complot’ was me een oude scheeptunnel opgevallen, waar schepen met een ketting doorgetrokken worden. Ik had begrepen dat dat bij Ribemont was. Nix te vinden dus. Er lag wel een kanaal en een rivier, maar die gingen niet door een berg.

Bij het kanaal stond wel een touristisch plattegrondje waarop ik zag dat die tunnel aan de andere kant van Sint Quentin lag, zo’n 30km verderop. Daar had ik niet zoveel zin in, komt wel eens een andere keer. In Soissons zag ik dat er bij Braye-le-Laonnaise ook zo’n ‘Souterrain’ was. Die ‘Onder terreinse’ heb ik de volgende dag bekeken.

Een stuk verder net voor Sarrebourg zag ik zomaar een kanaal door een meer. Ook apart. Mijn ouders waren binnenschippers en ik heb een technische tic. Dus dit soort bezienswaardigheden vind ik mooier dan een Cathedraal (die ik overigens ook graag bezichtig).

Het mooist was een scheepslift in de Vogezen. In Sarrebourg wilde ik gemakkelijk met een kanaal mee over de Vogezen. Dat lukte niet echt en het werd toch klimmen over een 400 meter hoge heuvel. Op de kaart zag ik met kleine blauwe letters ‘Incliné’ wat schuine helling betekent. Ik had van kennissen ooit gehoord dat in de Vogezen, net als in het bekendere Belgische Ronquères, een scheepslift of ‘Hellend Vlak’ is. Een klein D-weggetje liep daar het dichtste langs.

Zo kwam ik door Arzviller waar ook een scheepstunnel uit de berg kwam. Een stuk verder kwam ik prachtig langs het kanaal te fietsen. In Lutzelbourg vond ik het wel vreemd dat ik naast wat oude sluisjes nog nix opvallends gezien had. In dit dorp stond een wegwijzer naar dat Plan Incliné ook zomaar de ander kant op. Ik besloot die borden dan maar te volgen ook al was het terugwaards.

Enkele kilometers verder zat een stel Britten op een vangrail en zag ik dat ze naar de scheephelling keken. Met mijn weggetje was ik er dus rakelings achterlangs en onderdoor gefietst en dat had ik nu pas in de gaten. Het is een soort dwarshelling en de beide kanaaldelen buigen uit naar het zuiden, dus van mijn achterlangsweggetje af.


Een mooi ding, dat nog maar 25 jaar oud is. Bij aanvang van m’n vakantie had ik niet in m’n hoofd om dit op te zoeken. Feitelijk bedacht ik het maar 15km van die plek.


**) Aanvankelijk had ik dit verslag met zelfverzonnen fotoscript op mijn website gezet. Toen die website de geest gaf heb ik bij Webminlog een HTML-pagina ingeladen. Maar bij WordPress.com mag beide niet. Ik heb ook geen andere plek meer om eigen HTML-pagina’s te stallen. De huidige (2013,5) oplossing is dat ik de HTML zelf in een Blogspot-bericht zet en vervolgens op de knop druk dat ie niet naar HTML-fouten moet kijken. Dit lijkt te werken.

Fietsvakantie 2003 deel 1

Fietsvakantie 12 Mei – 1 Juni 2003.

Net als een jaar eerder, bedacht ik ook nu naar Schotland te gaan om hun millennium-aanwinst te bekijken. Door de stijging van de Euro was het daar een stuk goedkoper geworden. Helaas regende het er flink en dat zou nog veel meer worden. Koud was het er ook, dus op het laatste moment heb ik (op maandag 12 mei) toch maar de trein naar Maastricht genomen. Niet dat de vooruitzichten daar zoveel beter waren, maar ik kon er op z’n minst nog een trein pakken richting warmer.

Het viel er mee, geen regen en een graad of 17. Prima voor een klein stukje infietsen. In de laatste maanden was ik niet verder gekomen dan een paar ritjes van 30km. Op de Belgische TV had ik rond kerst iets gezien over een mini-stadje genaamd Durbuy. Het leek me leuk om dat eens te bekijken. Ik wilde Luik ontwijken, maar dat lukte niet erg. Voor ik het wist reed ik door Jupille, wat het bier-voorstadje van Luik is. Dan maar eens goed het centrum van Luik bekijken, en dat viel best mee. Een deel lag op een eiland in de Maas.

Vanaf Liège was een mooi en rustig fietspad langs de Ourthe. Durbuy was me net te ver. In Poulseux – een gehucht met 1 kroeg, 1 frituur, 1 stationnetje – stond ook 1 nieuw hotel. Na bijna 80km kwam dat goed uit. De volgende morgen zag ik dus Durbuy. Het stadje was inderdaad heel aardig met een aantal leuke oude straatjes en een slot. Verder veel veel-sterren Hotels en een berg oudere bezoekers.

Tot Hotton heb ik de Ourthe gevolgd, daarna kwam ik bij de Lesse terecht. In Rochefort heb ik overnacht. Best een aardig stadje. Iets verder lag het bekendere Han, maar daar was in de vroegte weinig te beleven. Het weer was nog goed, dus maar genieten van de groene Waalse Ardennen. Dit bosrijke deel van Wallonië is vrijwel geheel leeg. Ik fietse op een prachtig N-weg waar ik hooguit 1 auto per kwartier zag. Voor Rochefort had ik al een paar felle buitjes gehad, maar dat was niets veregeleken met de bui die in de Franse Ardennen trof. Flink wat bliksem en een witte weg van de hagel. Gelukkig duren dit soort hevige buien zeer kort en even later was het weer weer prima en vooral zonnig. In Charleville-Mézières was ik lang geleden al eens geweest, ik herkende er weinig. In het centrum vond ik mooi achteraf hotel waar ik alleen vogels hoorde fluiten, van het drukke autoverkeer was niets te merken. Donderdag 14 mei wilde ik naar Soissons gaan, daar schijnen wat mooie oude kerken te staan. Met 23 graden was het lekker fiets weer.

Bij de Aisne aangekomen hoefde ik alleen maar met de wind in de rug zo’n 70km naar het westen. Helaas trof ik een flink gat in het asfalt. Dwz ik zag dit gat te laat en wist m’n voorwiel nog net op te trekken. Het achterwiel ging er vol in. Met een gangetje van 30km/h en 10kg bagage was dat fataal voor een spaak. Daarbij liep het wiel aan. Zelf kon ik de slag er maar gedeeltelijk uit krijgen. De spaak die aan de tandwiel-kant zat was doormidden gescheurd. Langs de Aisne was geen fietsenmaker te vinden. Garages konden me ook niet helpen. Na 15km kwam ik een fietsend echtpaar tegen wat uniek is want dit waren zo ongeveer de eerste fietsers die ik na Maastricht zag. Zij hadden prachtige nieuwe racefietsen en loodsten me naar de dichtstbijzijnde fietsenmaker, zo’n 25km zuidelijker in Reims. Het bleek dat zij fietsen voor deze winkel aan het testen waren. De zaak had net zoveel fietsen als de 5 grootste fietsenwinkels van Alkmaar bij elkaar. Dit was zeer strijdig met de afwezigheid van fietsers in (en rond) deze busstad. Ik werd wel meteen geholpen en was blij toe.

In Reims was het inmiddels 17 uur en ik besloot er te overnachten; Soissons moet maar wachten op een volgende keer. In 2001 was ik ook al in Reims geweest en had ik er de grote cathedraal van binnen bekeken. Nu was het weer veel mooier en kon ik wat foto’s van de buitenkant maken. De volgende dag ging ik verder richting zuid. Deze dag was zonnig en via een Route Champagne kwam ik via leuke kleine plaatsjes uit in Sezanne. Een dag later zag ik nog steeds van die Route Champagne borden. Of ze staan daar overal, of ze hebben mijn smaak als het gaat om mooie weggetjes.

Langs de Seine kwam ik in Troyes. Hier was ik ook al eens geweest en veel was nog herkenbaar. De oude vakwerk-huizen stonden er nog en de steegjes waren nog even smal. Het is goed te merken dat deze stad banden heeft met Alkmaar, her en der kwam ik vertrouwde fietsenrekken tegen.

Zondag 18 mei was betrokken maar droog. Via de TV begreep ik dat er een zootje rot weer aan kwam en ik probeerde dat te ontfietsen door naar het zuid-oosten te gaan. Dit bleek een heel mooi fiets-gebied te zijn, waar ik wederom van die Champagne borden zag. Ik had mijn zinnen gezet op Chaumont en dat lukte maar net. 2km voor die stad, bij dit spoorweg-viaduct begon het enorm te regenen. De volgende morgen begon met veel regen en Chaumont nodigde niet uit voor nog een dagje. Op het station zag ik dat er binnen 15 minuten een regionale trein richting Basel vertrok.

Foto’s deel 1 | Verslag deel 2 | Verslag deel 3 met Routekaart