Site-archief

Apr-06: De Stellage van Alkmaar

Menig Alkmaarder (M/V/?) zal het opgevallen zijn; de Grote Kerk staat flink in de steigers:


Lees de rest van dit bericht

Advertenties

Feb-14: Katten-Podium

Een maandje geleden kwam ik (met net zulk mooi weer als vandaag) dit setje katten tegen in het zuiden van De Hoef:


Lees de rest van dit bericht

Sep-26: Een Webverhaal

Sjanne stoeit de laatste weken met haar foto’s als onderdeel van een cursus. Een van haar vragen ging over diepte in een foto. Ik heb nooit een cursus gedaan en heb immer gekozen voor kleine en simpele toestellen. Wel was ik een van de eersten met een autofocus-toestel ergens rond 1985. Autofocus zit nog altijd in de meeste camera’s, maar is wel flink verbeterd.

Toch focussed die auto niet altijd gewenst. Dwz de scherpstelling doet ie doorgaans op iets dat in het midden goed herkenbaar is. Maar als je dat door fietsspaken doet of een hek met kippegaas, dan is de kans groot dat ie scherp stelt op iets dat daar een stuk achter zit. Prima als je dat wilt, maar onhandig als je nu juist wel die spaken of het kippegaas scherp wilt zien en zo een foto met diepte krijgt.

Daar is een simpel trucje voor, die ik een week eerder toe moest passen op een fraai spinneweb in m’n achtertuintje:

Lees de rest van dit bericht

Jul-28: Zweefperiode

Mijn vorige bericht over Zweefveren deed me al snel denken aan de Schwebebahn van Wuppertal waar ik in 2006 onderdoor fietste. Die korte fietsvakantie zat fotomatig nog in de verhuisdoos van Wegminlog. Ik heb die foto’s in de afgelopen dagen op dit weblog gezet en heb de links in de verslagen hersteld. (Die verwezen nog allemaal naar mijn oude web-log.)

De reden voor het vergelijk zit niet alleen in het woord ‘Zweef’, maar ook dat het er hetzelfde uitziet. Dwz de zweefbaan van Wuppertaal staat op veel stalen poten die in 1901 zijn aangelegd. De Zweefbrug van Rendsburg is uit 1913 en de eerste van die serie Zweefbruggen is uit 1893 en is nog werkend bij Bilbao te bewonderen.
Lees de rest van dit bericht

Jul-24: Zweefveer

Onlangs blogde Henk50 hier over en bij mij stond ie al wat maanden in de rij voor m’n serie over aparte bruggen. Het gaat dan om de Hochbrücke van Rendsburg, midden in Schleswig-Holstein over het Nord-Ostsee-Kanal (NOK). Mijn fietsvakante van 2004 eindigde daar na zo’n 2000 km in een zeer ruime lus om Berlijn.

Ik wist van het bestaan, dwz ik was in 1988 al zo’n brug tegengekomen in Noord-Engeland bij Middlesbrough over de Tees. Dat is vrijwel in het midden van Teesside; de Ijmond van Groot-Brittannië. Ik werkte daar in die tijd dan ook in een lokale staalfabriek. Ben op pad geweest en heb wat foto’s van de brug gemaakt. Helaas was die gesloten voor langdurig onderhoud.

En ja, nu noem ik het opeens weer een brug. In het Engels is het een ‘Transporter Bridge‘. Dat ding is eveneens dik 100 jaar geleden gebouwd. Ik heb destijd wel wat foto’s gemaakt en die een kwartier terug ingescanned.

Ziet hier een foto-impressie.

Lees de rest van dit bericht

Jul-13: De Jongens op het Plein

In de jaarlijkse serie ‘Zomer op het Plein‘ trad gisteravond theatergroep ‘De Jongens’ op. Het gaat dan om het Canadaplein boven de Fietsenkelder en naast de Grote Kerk. Voor de verandering had ik weer eens een touristisch krantje uit de bieb meegenomen om niet achteraf te merken dat ik wat gemist heb. Ik las daarin dat er popmuziek op de Platte Stenenbrug was en dat er een optreden was op het Canadaplein.

Dus eerst maar m’n gebruikelijke avondwandeling gemaakt en nog gelachen met een jonge vrouw, die op de knieën in haar voortuintje werkte. Het zag er uit alsof ze aan het aardappels rooien was en dat vroeg ik dan ook. Ze moest er bar om lachen. Het komt ook niet vaak voor dat mensen aardappels in hun postzegelgrootte voortuintje hebben. Maar nee, het ging om zevenblad.

Een kilometer verder hoorde ik de muziek van de Platte Stenenbrug. Lees de rest van dit bericht

Nov-27: 1572 Emden

Rond een half 10 vertrok ik uit Esens richting Wattenmeer. De ochtendmist was er weer en op veel plekken zag ik geen hand voor ogen. Erg link was dat niet, ik fietste over een dijkje waar geen auto mag komen. Bij Bensersiel zag ik net het pontje naar Langeoog voor mijn neus de mist in gaan. Niet dat ik dat zo’n drama vond, want zo’n vaartochtje en eiland in de mist zal ook niet veel aan zijn.

Ik fietste langs de Waddenzee westwaarts tot Domumersiel. het mag duidelijk zijn dat hier nogal wat siel-plaatsen zijn, zoals in noord-Nederland tig zijl-plaatsen voorkomen. Dit plaatsje was wel aardig. Verder langs deze mistige dijk zag ik niet zitten. Ik sloeg dan ook linksaf naar Domum, wat me iets groter leek.

Lees de rest van dit bericht

Nov-15: 1170 Scharnebeck

De laatste dagen had ik getwijfeld of ik niet meer richting noorden moest gaan zoals naar Schwerin. Het weer zorgde er voor dat ik voor zeker koos en de Elbe bleef volgen, waar regelmatiger een pension of dergelijk te vinden zou zijn. Bij Lauenburg wilde ik hooguit nog maar Geesthacht en dan afbuigen bijvoorbeeld richting Lübeck om zo in een grote boog om Hamburg te fietsen. Want Hamburg trekt me niet. Teveel haven, industrie, grote wegen en buitenwijken.

In Lauenburg zag ik wat rondvaartboten liggen. Ik overwoog om zoiets te nemen als het slecht weer zou zijn. In dat geval was het wel iets om met zo’n boot naar hartje Hamburg te varen. In het halletje van het pension lagen wat foldertjes. Daaruit bleek dat die rondvaartboten een heel andere kant op gingen. Ze gingen niet met de Elbe stroomaf- of stroomopwaarts, maar ze gingen naar het zuiden een stuk kanaal naar Wolfsburg op en neer.

Lees de rest van dit bericht

0044-WestFriesland

Het lijkt me wel leuk om de eerstkommende logjes wat meer te verhalen over m’n vakantie. Nadeel is wel dat ik dan weinig zal loggen over andere dingen die me bezig houden.

Door die eerder genoemde seinstoring ben ik al in Alkmaar op de fiets gestapt en dwars door West-Friesland gefietst. Ik weet daar de weg behoorlijk goed en fietste zoveel mogelijk langs de spoorlijn om te zien of er al weer treinen reden en sneed als het even kon flink af en probeerde vooral stoplichten te vermijden. Bij elkaar had ik 49km nodig om in Enkhuizen de veerboot te bereiken.

Het is er ook best mooi fietsen. Omdat ik mezelf geen oponthoud gunde ging ik ruim langs de achterkant van de Meisjesschool. Terwijl ik dat gebouw ook wel eens beter vanaf de voorkant wil bekijken. Mijn weg voerde ook hier langs de spoorlijn en dat schoot lekker op. Totdat die weg ophield en ik rechts- of linksaf moest.

Het werd rechtsaf omdat ik zo via de grote weg beter bij de veerhaven uit zou uitkomen. En plotseling was ik na 44km in Broekerhaven met die geinige overhaal. Je moet daar onder het overhaalgebouwtje doorfietsen en dat mikt vrij nauw met fietstassen achterop.

Ik was dus in het geheel niet van plan om hier langs te gaan en tijd voor een foto gunde ik me al helemaal niet. Dat hoefde ook niet omdat ik al eens eerder flink wat foto’s gemaakt had bij dit bouwwerk.

Ik heb toen zelfs een bewegend Gifje gemaakt waaruit de werking valt op te maken. Helaas heb ik het geval in al die keren dat ik er was nooit zien werken, en ook nu niet. Het gedoe met kettingen schijnt flink wat lawaai te maken. Uniek is ie wel. Ik heb nergens anders een vergelijkbaar geval gezien.

Begin met Kaart | Vervolg

0690-Wupperwurmen

De volgende ochtend begreep ik beter wat de Krefeldfolder bedoelde. Tussen Krefeld en Kierst raasde het van de uitgezette fietsroutes. Het leek wel wat op ons knooppuntensysteem. Naast een grote hoeveelheid bordjes met pijlen, vond ik halverwege maar 1 onduidelijk overzichtsbord dat alle locale rondjes aangaf. Daar had ik niet veel aan, want ik wilde rechtdoor naar Kierst.

Ik volgde dus de gewone fietswegwijzers en die verwezen me via een setje zeer aantrekkelijke paden en stille landweggetjes naar Kierst. Ik stuurde op die plaats af omdat daar een veerpont over de Rijn gaat. Veerponten hebben een groot voordeel ten opzichte van bruggen. Per pontje gaan maar enkele (soms zelfs geen) auto’s mee en de wegen naar en van zo’n pont zijn dan ook heerlijk rustig.

De pont zette me in Kaiserswerth af, een fraai stadje dat opgslokt is door grote broer Düsseldorf. De onwerkelijke rust die tussen Krefeld en de Rijn had, was nu voorbij. Zo fietste ik eerst onder een drukke landingsroute door via Ratingen naar Wülrath. Op de kaart leken dit rustige weggetjes, maar in de praktijk viel het tegen.

Gelukkig was er halverwege een opstopping. Een tankwagen lag dwars over de weg en auto’s konden er niet meer langs. Heerlijk rustig dat stilstaande blik. Zelf reed ik de zooi zonder enig oponthoud voorbij, ondanks dat de vrachtwagen ook op het fietspad lag.

De volgende stad, die al jaren op m’n ellelannge lijst staat, was Wuppertal. Hun bezienswaardigheid heb ik geprobeerd vast te leggen in het setje foto’s hieronder. (Voor degene die het nog niet wisten, de foto’s openen groter als je er op klikt.)

De 15km lange ‘Zweefbaan’ over de Wupper is uniek, vooral als je bedenkt dat ie al in 1900 aangelegd is. Die bontgekleurde wurmen zijn een stuk geruislozer dan de trams van Krefeld. Ik heb die baan vrijwel geheel gevolgd. Dat kon via een drukke weg die ook deels langs en over de Wupper gaat. Grote stukken heb ik op een iets ruimere afstand gevolgd door de wandelstraten van hun langgerekte centrum.

Als techneut vond ik dit echt bezienswaardig. Toch heb ik niet meegezwoven. Meefietsen vond ik leuker en ik had geen zin om mijn fiets met bagage langdurig uit het oog te verliezen. Daarnaast heb ik wat last van hoogtevrees. Al met al heb ik een paar uur in deze stad rondgehangen.

Wikpedia Schwebebahn en Olifant Tuffi |Begin met Kaart | Vervolg


Dec-31: Hellingproef

Het heeft even geduurd, maar eindelijk heb ik dan mijn fietsvakantie op m’n website gezet. Deze keer heb ik het een beetje anders gedaan met een beeldverhaal. Ik vond het leuk om daar zelf iets in javascript voor te verzinnen.

zie Fietsvakantie-2005. **)

Zoals gebruikelijk trapte ik deze vakantie ook zomaar een eind heen, onder meer om wat af te vallen. Na een maand bijna niet gefietst te hebben lukte het wonderwel en had ik nergens last van. Een echte route heb ik nooit voor ogen, alles hangt erg af van het weer en wat ik onderweg tegenkom. Via horen zeggen en TV-documentaires heb ik wel wat dingen in m’n hoofd en als dat zo uitkomt, dan fiets ik op zoiets af.

Zo wilde ik altijd al eens Leuven en Soissons zien, wat deze vakantie dan ook lukte. In het prachtige VRT-programma ‘Bourgondisch Complot’ was me een oude scheeptunnel opgevallen, waar schepen met een ketting doorgetrokken worden. Ik had begrepen dat dat bij Ribemont was. Nix te vinden dus. Er lag wel een kanaal en een rivier, maar die gingen niet door een berg.

Bij het kanaal stond wel een touristisch plattegrondje waarop ik zag dat die tunnel aan de andere kant van Sint Quentin lag, zo’n 30km verderop. Daar had ik niet zoveel zin in, komt wel eens een andere keer. In Soissons zag ik dat er bij Braye-le-Laonnaise ook zo’n ‘Souterrain’ was. Die ‘Onder terreinse’ heb ik de volgende dag bekeken.

Een stuk verder net voor Sarrebourg zag ik zomaar een kanaal door een meer. Ook apart. Mijn ouders waren binnenschippers en ik heb een technische tic. Dus dit soort bezienswaardigheden vind ik mooier dan een Cathedraal (die ik overigens ook graag bezichtig).

Het mooist was een scheepslift in de Vogezen. In Sarrebourg wilde ik gemakkelijk met een kanaal mee over de Vogezen. Dat lukte niet echt en het werd toch klimmen over een 400 meter hoge heuvel. Op de kaart zag ik met kleine blauwe letters ‘Incliné’ wat schuine helling betekent. Ik had van kennissen ooit gehoord dat in de Vogezen, net als in het bekendere Belgische Ronquères, een scheepslift of ‘Hellend Vlak’ is. Een klein D-weggetje liep daar het dichtste langs.

Zo kwam ik door Arzviller waar ook een scheepstunnel uit de berg kwam. Een stuk verder kwam ik prachtig langs het kanaal te fietsen. In Lutzelbourg vond ik het wel vreemd dat ik naast wat oude sluisjes nog nix opvallends gezien had. In dit dorp stond een wegwijzer naar dat Plan Incliné ook zomaar de ander kant op. Ik besloot die borden dan maar te volgen ook al was het terugwaards.

Enkele kilometers verder zat een stel Britten op een vangrail en zag ik dat ze naar de scheephelling keken. Met mijn weggetje was ik er dus rakelings achterlangs en onderdoor gefietst en dat had ik nu pas in de gaten. Het is een soort dwarshelling en de beide kanaaldelen buigen uit naar het zuiden, dus van mijn achterlangsweggetje af.


Een mooi ding, dat nog maar 25 jaar oud is. Bij aanvang van m’n vakantie had ik niet in m’n hoofd om dit op te zoeken. Feitelijk bedacht ik het maar 15km van die plek.


**) Aanvankelijk had ik dit verslag met zelfverzonnen fotoscript op mijn website gezet. Toen die website de geest gaf heb ik bij Webminlog een HTML-pagina ingeladen. Maar bij WordPress.com mag beide niet. Ik heb ook geen andere plek meer om eigen HTML-pagina’s te stallen. De huidige (2013,5) oplossing is dat ik de HTML zelf in een Blogspot-bericht zet en vervolgens op de knop druk dat ie niet naar HTML-fouten moet kijken. Dit lijkt te werken.

Fietsvakantie 2003 deel 3

In Lich trof ik Licher bier, maar ook een heel leuk stadje met flink wat Fachwerk-huizen. Ik kwam daar via een wat gedwaal waarbij ik door het mooie klooster Arnsbach kwam. Inmiddels had ik bedacht om tot de Duitse wadden-eilanden te fietsen, de koers bleef dus min of meer richting noord. Dit leek onhandig met de noord-oosten wind, maar dat was het niet. Zo had ik een prima Airco tegen het niet aflatende zonnige en vooral zeer warme weer. In het centrum van Giessen zat een setje agenten achter een tafel, bezig met het gratis afstellen van fietsen. Wat is hier aan de hand in dit voormalige autoland?

Naar Marburg lag ook al zo’n fraaie route, nu langs de Lahn. Hier zag ik een creatieve truck om aan te geven dat fietsers niet met een doodlopende weg te maken hebben. De Lahn ging door het mooie Marburg. Die dinsdag eindigde ik in het Sauerlandse Frankenberg, een heuveltop met een zwerm vakwerk-huizen er op. Het had maar 2 hotels en de goedkoopste was 48 Euro incl. ontbijt. Voor mij dus de duurste van deze vakantie. Bij de plaatselijke Italiaan werd dit op het voedsel direct terug-verdient. Hun uitstekende huis-salade werd in een schaal ter grote van een flinke afwasteil geserveerd. De kosten waren minimaal en de eerste 5 dagen hoefde ik geen groente meer.

De rivieren waren nog niet op. Vanaf Frankenstein fietste ik langs de Eder naar Korbach. Hier liepen aardig wat Nederlanders rond, zeker op zoek naar Frits. Vervolgens kwam ik nog door Brilon wat een mooier stadje is. In Lippstadt aan de Lippe sliep ik nadat ik een beetje deelgenomen had aan hun jaarlijkse zuipfeest. Ze hadden er prima weer voor. Tot laat in de avond bleef het warm en de tijdelijke biertenten hadden een flinke omzet.

Rond Lippstadt is het helemaal vlak. Een groot verschil met de dagen er voor. Deze dag begon het pas te stijgen bij Bielefeld. Hier reed ik het Teutoburgerwald in. Voor Enger zag ik een opvallende molen. Precies een maand later hoorde ik op de WDR-TV dat dit de Liesbergmühle was. In dat programma hoorde ik ook dat Bunde beroemd was voor de sigaren-handel. Zo schijnt daar de grootste sigaar te liggen en wordt er jaarlijks 20 miljard Euro aan accijnzen door een klein douane-kantoor geïnd. Met ca. 4000 inwoners is dat geen slechte score. Ik heb er wel wat rondgekeken, maar mij was dat niet opgevallen.

Bad Essen leek me een leuke plaatsnaam om te overnachten. Helaas was alles vol, op wat zeer dure kamers na. In overleg begreep ik dat in Bohmte (6km noordelijker) een hotel was dat beter bij me paste. Dat bleek nog zo te zijn ook. Ik heb er prima geslapen nadat ik er flink geboomd had met de waard. Hij had wat goede tips, onder anderen over de magneetbaan langs de Eems. Ik bedacht de koers dus wat te wijzigen. Eerst ben ik nog wel over de Moors (veenachtig moerasgebied) via Damme naar Cloppenburg gegaan. Daar is een openlucht-museum. Ik had geen zin om in de warmte achter een lange rij wachtenden aan te sluiten. Daarbij komt dat heel Duitsland deze vakantie een soort openlucht-museum voor me was. Hier sloeg ik linksaf richting Eems, waarbij ik die dag uitkwam in Werlte.

Ik wist dat de testopstelling van de magneetbaan al ruim 10 jaar net iets ten oosten van Groningen ligt. Afgelopen jaar was ik er dus vlak langs gekomen. Nu pas zag ik dit geval voor het eerst. Het betreft een baan van 35km waar een prima fietspad langs ligt. Helaas was het een zaterdag en viel er weinig te beleven. De magneettrein reed dus niet. Daarna heb ik nog een stuk langs de Ems gedwaald om zodoende in Papenburg te komen. Volgens de waard van Bohmte was dat een aardig stadje. Zelf vond ik dat wel meevallen, het deed wat Nederlands aan met 1 lange gracht er door.

De laatste tip van die man sprak mij ook erg aan, namelijk de scheepswerf van Meyer waar enorme cruise-schepen gebouwd worden. Ze doen dat in een enorme hal, die op dezelfde zaterdag ook dicht was. Naast de hal lag niets, dus dat schoot ook weinig op. Kortom een prima route maar 1 dag te laat. Dat wederom de Duitse winkels op zaterdagmiddag gesloten waren deed me besluiten om naar het wereldsere Groningen te fietsen. Met temperaturen rond de 30 graden is een supermarkt met frisdrank-voorraad zeker geen luxe. Vanuit Duitsland was een prima fietsroute richting Bellingwolde. De Duitse fietsbordjes stonden zelfs tot in dit dorp. Hier was alles open en kon ik nog weer even vooruit. Eerst nog door Winschoten gegaan dat met een 3-tal stadsmolens zeker een bezoek waard bleek. Ik besloot te eindigen in Delfzijl aangezien ik daar nog nooit geweest was. Die havenplaats viel wat tegen, maar ik vond er wel een aardig Bed en Breakfast-pensionnetje.

Thuis had ik nog wat te doen en mijn vakantiedagen raakten op. Ik bedacht dan ook deze rit in Assen af te sluiten. Uitfietsen via het Damsterdiep bleek een goede keus. Daarbij kwam ik door het aardige Appingedam en nog een stel kleine rustige dorpjes. Ik had al flink wat windmolens gezien, maar die van Woldersum vond ik nog het mooiste. Een normaal mens komt hier niet, maar door mijn gedwaal reed ik er pardous langs. Op deze foto is ook goed te zien hoe mooi het weer was; 30 graden en geen wolk te bekennen. Ik trof het dus goed, want dit was al ruim 2 weken gaande.

Na Zuidlaren had ik een bosroute richting Assen. Daarin zat een stuk geasfalteerd betonplatenpad met van die vervelende overgangen. Het duurde niet lang of ik hoorde mijn achterwiel aanlopen. Met nog maar 12km voor de boeg wilde ik er niet naar kijken trapte door zon lang zolang het ging. Op het station van Assen zag ik dat een stuk van mijn achternaaf afgebroken was waardoor enkele spaken in het luchtledige hingen. De kans is natuurlijk groot dat dit te maken had met mijn eerder spaak-probleem voor Reims. Dat ik er nu pas last van had mag een wonder heten. Gedurende de laatste 1600km van mijn vakantie heb ik er geen enkele hinder van gehad.

Verslag deel 1 | Verslag deel 2| Foto’s deel 3