Site-archief

Feb-08: Tsjechië

Op vrijdag 19 september stond ik dus zomaar op in Tsjechië. In de ontbijtzaal merkte ik dat het toch een redelijk groot hotel was, dat ook nog eens goed vol zat met alleen Tsjechen. De avond ervoor zat ik nog alleen op de grote veranda met en biertje van het onweer te genieten. Nu moest ik een tafeltje delen met anderen, omdat het zo vol was. Het bleken vooral binnenlandse bustouristen te zijn, waarvan een aantal Engels of Duits sprak. Het ontbijtbuffet was goed, maar toch redelijk eenvoudig.

Gisteravond had ik bedacht wat ik nu verder ging doen. Ging ik linksaf terug naar Bautzen, rechtdoor naar Praag, rechtdoor om Praag heen of rechtsaf naar Karlovy Vary. Praag had ik 32 jaar eerder een paar dagen goed bekeken en zal nu nog veel drukker zijn. Eigenlijk wilde ik wel naar Karlovy Vary (Karlsbad) waar ik destijds niet ben geweest en waar ik toch redelijk wat van had gehoord. Op deze manier bleef ik ook dicht tegen de Duitse grens fietsen en kon ik snel terug als het fietsen in Tsjechië me niet zou bevallen.
Lees de rest van dit bericht

Advertenties

Feb-07: Dresden, Bastei en verder

Donderdagochtend 18 september was ik er redelijk vroeg uit en ‘moest’ ik op zoek naar een ontbijt. Het botel serveerde geen ontbijt en in een stad als Dresden is dat totaal geen probleem. Inmiddels wist ik wel dat ik zoiets beter op de oostoever kon zoeken en nog geen 10 minuten later zat ik in een soort bakker met grandcafé. Er naartoe heb ik eerst een foto van het ochtendgloren gemaakt op de plek waar ik de avond ervoor de nachtfoto had genomen. Het ontbijtcafé was dus erg luxe. Ik ging niet voor 1 van de vele ontbijtsoorten, maar koos een uit de kluiten gewassen en zwaar belegd broodje uit met kaas, ham en veel groente. Met een mok koffie had ik daar meer dan genoeg aan en je hoeft zelf niet te smeren. Later kwam er een Duits fietsechtpaar een tafeltje verder zitten, waarbij het tafeltje duidelijk te klein was voor alle meuk (een bordje of 10) die bij hun ‘ontbijtje’ hoorde. Daarbij opgemerkt dat het fraaie tafeltjes waren met daarin oude foto’s verwerkt.

Vervolgens een fotorondje door Dresden gemaakt. Lees de rest van dit bericht

Feb-01: GezElbeschap

Woensdag 17 september zag ik in het kleine ontbijtkamertje 5 mensen, waarvan ik er 3 de voorgaande avond ook op de binnenplaats van het restaurant had gezien. Van die drie was duidelijk dat zij eveneens langs de Elbe fietsten. Dus ging het daar al snel over en werd het een gezellig groepsgesprek. Een vrouw was alleen onderweg en vroeg of er iemand met haar op wilde fietsen. Het andere echtpaar ging stroomafwaarts en daarmee in tegenrichting. Ik ging wel de goede kant op en het leek me wel leuk idee.

Zelf vind ik het totaal niet erg om alleen te fietsen. Zij (Angela) was waarschijklijk niet zo’n ‘Einzelgängerin’. De voorgaande dag had ze 100km gefietst vanuit Jüterbog en kwam uit Berlijn. Dat gaf mij het gevoel dat ze redelijk doorfietste en dat was ook zo. Het was nog fraaier weer met 25 graden en een totaal wolkenloze lucht. Wel woei er een stevige wind uit het zuid-oosten en dat was precies de richting die we op wilden.
Lees de rest van dit bericht

Jan-30: Torgau of Verder

Net als de voorgaande middag was het op dinsdag 16 september in Lutherstadt-Wittenberg prachtig fietsweer. Het werd 23 graden, vrijwel onbewolkt en wat oostenwind. In de ochtend was het al een stuk warmer dan ik de afgelopen dagen gewend was geraakt.

Langs de Elbe ligt daar een prachtig fietspad en her en der zag ik ook af en toe een fietser. Ik fietste nu in een deel van Duitsland waar ik nog niet eerder was geweest. De vorige keer dat ik door Lutherstadt-Wittenberg fietste ging ik richting Jüterbog en Poolse grens. Na een kilometer of 13 oostwaarts ging het echter goed mis. Ik lette even op een ander en niet op het prachtig vlakke fietspadasfalt. Dat had ik beter wel kunnen doen. Nu reed ik m’n achterband door midden over een halve bierfles. Dan helpt een reserve binnenband niet. Het werd dus lopen en maar afwachten of ik een fietsenmaker zou vinden.
Lees de rest van dit bericht

Jan-24: Via Zerbst

Maandag 15 september stapte ik voor de 7de dag op de fiets en wilde ik de Elbe oostwaarts volgen. Het was bijzonder grauw en mistig, maar wel ‘droog’. De temperatuur was ook niet erg aantrekkelijk, maar in de korte broek fietsen was goed te doen.

Misschien was het dit weer dat ik totaal vergat om in Schönebeck verder te zoeken naar hun kuuroord-gedeelte. Heb daar totaal niet meer over nagedacht en voor ik het wist reed ik op een zeer smal fietspadje over een rivierdijk, die ik helemaal voor mezelf had. De mist gaf het een aparte sfeer en zonder mist zal het er ook mooi zijn. Ik slingerde zo tot Glinde en daar kon ik niet verder.

Dit gehucht was ontsloten met een iets grotere weg zuidwaarts, maar ook die had ik (op 1 auto na) geheel voor mezelf. Niet veel verder was Barby, dat er wel aardig uitzag. Hier stond ik in tweestrijd; zou ik de Saale volgen zuidwaarts, of ging ik verder langs de Elbe oostwaarts? Lees de rest van dit bericht

Jan-23: Langs de Elbe

In Haldensleben was ik op 14 september nog maar een klein stukje van de Elbe verwijderd. Het was 18 graden, bewolkt en droog, dus lekker fietsweer. Als eerste ging ik naar Magdeburg, dat was nog maar een kilometer of 20. Alleen niet op mijn manier. Ik wilde in Vahldorf rechtdoor, maar dat was niet meer dan een karrespoor zonder bewegwijzering.

Dus maar terug en poging wagen aan de zuidkant van het Mittellandkanal. Dat ging beter. Langs het kanaal lag een soort fietspad, maar ook dat was zeker niet de kortste route. Erg was dat niet, op deze zwerfmanier kom je op plekken die je anders nooit bezocht zou hebben. Dus na 33 km fietsen stond ik voor de Dom van Magdeburg. Enkele meters eerder had ik hun putdeksel op de foto gezet.
Lees de rest van dit bericht

Feb-03: 6 Richting Elbe

Ik had al gemeld dat ik inmiddels naar Lübeck wilde fietsen, maar dat dat niet in 1 dag ging lukken wist ik ook. Kortom eerst maar eens richting Elbe en daar zien waar mijn fiets strandt. Die zondag 18 september 2011 vertrok ik richting noord. Bij het ontbijt was weer dezelfde hotelhouder die erg veel aandacht voor me had. gelukkig was in niet de enige in het ontbijtzaaltje. Er zat ook een paar met jonge kinderen. Dat Walsrode geen touristisch oord was had ik gisteravond begrepen. Hoeft ook niet, maar dan heb je wel meer te maken met zakenhotels en daar leunde deze tegenaan. Door (ongevraagd) advies van de hotellier liet ik Bad Fallingbostel rechtsliggen. Ik vond een mooie weg richting noord en was daar wel content mee.

Met 17 graden was het en van de koudste dagen tot nu toe en de bewolking maakte het er niet warmer op. Ik had wel een beetje rugwind uit het zuidwesten. Na een kilometer of 15 wilde de weg richting Visselhövede. Dat leek mij teveel uit de koers, dus zocht ik iets wat meer richting noord-oost ging. En dat vond ik ook in een klein landweggetje. Maar niet veel later boog dat weggetje af en ging geheel richting oost. keuzes kwamen er niet in dit bosachtige gebied. Her en der een enkel huis, dus waarom zou je er wegen aanleggen. 5 kilometer verder had ik het daarmee wel gehad en trof ik een grotere weg die richting Soltau ging.
Lees de rest van dit bericht

Nov-11: 1140 Lauenburg

Dinsdag 23 September maakte me zeer duideijk waarom ik toch liever alleen fiets. Dat begon bij het ontbijt waar ook een groepje van 3 Duitse fietsers (z)at. Aardige 50’ers in fietskleding, wat deed vermoeden dat het doorfietsers waren. Na een kwartiertje begon de ellende. Stuk voor stuk mobielden de heren hun vrouwen of vaste verkering om te vertellen dat het rotweer was en meer van dat soort gemeutel. En als de een belde, dan ging een ander even weg om iets van boven te halen. En daar zaten die andere 2 dan later weer op te wachten.

Deze mis(s)communicatie en misloperij hielden ze een kwartiertje vol en je zag de onderlinge irritatie. Ze stapten ondanks het rotweer op. Ze wilden niet voor elkaar toegeven dat ze het maar nix vonden. Zelf ontbeet ik zeer uitgebreid en apetraag. Ik had alle tijd. Niemand wachtte op mij en ik wachtte op niemand. Met dit plensweer had ik geen zin.

Lees de rest van dit bericht

Nov-08: 1065 Hitzacker

Maandag 22 September begon met uitstekend fietsweer en een prima fietspad door een mooi natuurgebied langs de Elbe. Ik had keuze uit een gravelpadje op de rivierdijk en een prachtig asfaltpad onderlangs. Daarbij ging ik overgedocumenteerd op pad. De eerste Zimmerfrei-dame (die me wegstuurde) gaf me een prachtige folder mee van dit natuurgebied en van het Zimmerfrei-echtpaar (waar ik sliep) kreeg ik een dik boekje van de complete Elberadweg mee en de opmerking dat ik toch maar vooral Schnackenburg moest aandoen.

Dat laate heb ik gedaan. Via de slingerdijken nam ik het pontje naar Schnackenburg. Daarmee verliet ik de deelstaat Brandenburg en kwam ik weer in NiederSachsen (Hann. Münden valt ook in die deelstaat.) Schnackenburg is een miezerig plaatsje met een douanemuseum. Ik was duidelijk buiten het hoogseizoen en op die maandagochtend was het dorpje geheel leeg. Mij sprak het niet erg aan en via wat kleine landweggetjes fietste ik door naar Gartow en Gorleben.

Lees de rest van dit bericht

Nov-05: 0970 Wittenberge

Zondag 21 September begon erg grauw en regenachtig. Maar net toen ik het station van Burg gevonden had, stopte de regen. Dus probeerde ik weer de fietsroute langs de Elbe op te zoeken. Dat lukte wonderwel. In een rechte streep fietste ik over een mooie weg naar Blumenthal. Daar hield de weg op. Ik vond er nog een prutpadje naar de dijk langs de Elbe en over die dijk ging de Elberadweg.

Dat was echter net zo’n prutpad en die was er niet prettiger op geworden door de regen. Bij de eerste de beste mogelijkheid (een dikke kilometer verder bij Parschau), hield ik het dan ook voor gezien. Daar wist ik een normale K- (Kreis-)weg te vinden, die goed geasfalteerd en lekker leeg was. Ik bleef deze weg volgen, die steeds droger werd, en zag het weer helemaal zitten. Dus op naar Jerichow, waar het gebied rond Burg (Jerichower Land) naar vernoemd is.

Lees de rest van dit bericht

Nov-02: 0849 Magde-Burg

In Sangerhausen was het ochtends maar enkele graden warmer, maar dat had niet mijn aandacht. Als eerste bekeek ik goed mijn achterwiel. En wat ik gistermiddag al dacht; ik had een onthoofde spaak. Bij deze fiets, die behoorlijk dikke spaken heeft, was dat de eerste na zo’n 15.000 km. De boosdoener was waarschijnlijk dat stuiterpad tussen Hassleben en Sömmerda. Na wat heen en weer karren en veel rondvragen had ik zo ongeveer de hele stad bekeken en niemand wist me ook maar iets te wijzen wat op een fietsenmaker leek. ‘Nee, die hebben we hier wel gehad’ was het best haalbare resultaat. Doorfietsen met een gebroken achterspaak leek me niet verstandig, want dan gaan er vast nog een paar.

Rond half 11 pakte ik daarom de trein naar Magdeburg. In die grotere stad zal zeker meer te vinden zijn op fietsgebied. Zoals gebruikelijk sleepte deze regional express ook een hele fietsenstalling mee en er was voldoende ruimte voor mijn fiets. Toch moest ik daar nog een klein ‘gevecht’ voor leveren. Alle klapstoeltjes in het fietsendeel waren bezet door een stel jongeren die het midden hielden tussen rockers en voetbalsupporters. De rest van de trein was helemaal niet zo vol. Uiteindelijk gingen 3 van deze figuren op een andere plek zitten, zodat mijn fiets kon staan waar die hoorde. Zelf ging ik iets verderop zitten en had ik door de hoogte goed zicht op m’n fiets.

Lees de rest van dit bericht

Fietsvakantie 2004 deel 3

Ik fietste nu zo’n beetje met de Uecker of Ücker mee. Via Angermünde, Prenzlau, Pasewalk en Torgelow reed ik de deelstaat Vorpommern in. Aardige plaatsen, maar ze haalden het niet bij Ueckermünde. Daar was net de haven prachtig opgeknapt. Richting noordwest kwam ik een mooi fietsgebied tegen met veel paden. Toch hielpen die niet om op Usedom te komen. De enige weg er naar toe liep vanuit het zuidwesten, waardoor ik via Anklam moest omfietsen. Usedom is een leuk eiland, maar wel vreselijk druk. Wat moet al dat autoverkeer daar? Zeker als er ook nog eens een spoorlijn over loopt. Na wat gespeur vond ik een fietspadje door de duinen. Erg attractief voor mijn “nieuwe” fiets, ettelijke keren een klein stukje duinop en duinaf van 16%.

Via de enorme ophaalbrug bij Wolgast verliet ik het eiland. In Wolgast begon het meteen te regenen en wist ik redelijk snel een pension te vinden. Dit stadje had een openlucht scheepvaart museum, wat misschien de aanwezigheid verklaarde van een bezoekend nederlands cruise-schip. De volgende dag ging ik verder westwaarts en kwam ik via het bezienswaardige Wieck in de hanzestad Greifswald. Vanaf daar was een prachtige nieuwe weg aangelegd en “mochten” de fietsers en tractors de oude rammelweg gebruiken. Nu kwamen mijn dikkere hybride-banden goed van pas.

Bij Stahlbrode nam ik de veerpont naar Rügen. Dit eiland wilde ik ook eens bekijken. Via deze toegang was het niet zo druk, maar later bleek dat toch tegen te vallen. Er waren wel fietspaden, maar die hadden geen doorgaande functie. Nadat ik Putbus en Bergen bekeken had, dacht ik er nog over om het veer naar Zweden te nemen. Nadeel daarvan was de verkeersdrukte tussen Malmo en Kopenhagen, waar ik geen trek in had. Het leek me slimmer om vanaf Rostock naar Denemarken te gaan. Om dat te doen moest ik eerst van dit eiland af. Ik wilde in Stralsund overnachten, en de enige manier om daar te komen was via de vreselijk drukke E22 die geen enkele fietsvoorziening had.

Misschien is dit een leuk eiland voor fietsers rond de vuurtoren, maar voor een doorgaande fietser vond ik het niks. Stralsund bleek een betere keus. Dit was niet alleen een hanzestadt, maar was ook al een wereld-erfgoed van de Unesco. De dag er op (Zaterdag 11 Juli) ging ik verder westwaarts. Nog steeds veel tegenwind en een enkel buitje. Rostock, ook een hanzestad, viel me tegen. Het enige leuke was een lift in een oude kerktoren. Niet zo handig voor de klokkenluider, want de klokken stonden gewoon beneden naast de kerk. Kamers waren hier behoorlijk prijzig. Niet verwonderlijk als ze die dingen volproppen met koelkasten, föhn en andere onnodige milieu-vervuilende rommel.

Ik kreeg dus al meer trek in het rustige Denemarken. De veerpont naar Gedser ging prima. Aangekomen op Falster was het weer daar niet veel beter. Na enkele kilometers begon het te miezeren en dat bleef zo. Als snel bedacht ik bij Nykobing linksaf te gaan, wat meteen een berg tegenwind opleverde. Daarbij was het me daar ook te koud. Het werd dus richting Rodbyhavn om daar de pont terug te nemen, maar nu naar het voormalige West-Duitsland. Onderweg zag ik nog wel een mooi kasteeltje en vanaf Maribo had ik nog wel een hele mooie fietsroute die deels over een oude spoorlijn ging.

Met dit veer stak ik dus over naar Fehmarn. Daar werd eerst een intercity-trein van de pont gereden, wat vrij vlot ging. Op dit duitse schiereiland bleef het maar even droog tot de hoofdstad Burg. Daar viel een flinke plensbui. Erg was dat niet, ik wilde er toch al overnachten. Zij vierden hun jaarlijkse drinkfeest, waar ik ‘s-avonds dezelfde Australiër trof die ik ook al op de pont gesproken had. Hij fietste van noord naar zuid door Europa, en was nog maar net begonnen. De laatste keer dat ik een mee-fietser trof was net voor Bad Pyrmont. Maar ook toen had ik moeite om mijn tempo naar beneden bij te stellen. Dat terwijl ik meestal maar 25km/h fiets.

Vanaf hier was het weer ook niet optimaal. Ik ben eerst richting Lübeck gegaan om zo een grote bui te ontwijken. Na een kilometer of 40 zag de lucht in die zuidelijke richting ook zwart en leek het in het westen lichter te worden. Dus meteen rechtsaf waardoor ik in het mooie merengebied rond Plön belandde. In Preetz sliep ik in een museumachtig historisch pension, waarbij ik over de WC moest stappen om bij de douche te komen. Kiel viel me zwaar tegen. Door de vele grote wegen was er lastig te komen en nog lastiger te gaan. Fietsbordjes misten, en met de grote weg mee mocht niet. Het weer was wederom grauw en ik kon me dus niet op de zon oriënteren.


Na flink dwalen door een stuk bos kwam ik zomaar bij het Nord-Ostsee-Kanal. Dat was ook de bedoeling omdat ik een interessante brug in Rendsburg wilde zien. Dat lukte prima en als fietser kon ik ook zo mee met dit zweefveer. Ooit had ik eenzelfde brug gezien in Middlesborough. In Rendsburg ging ook nog een spoorlijn over het 40 meter hoge raamwerk. Het was trouwens een leuk stadje, waar de treinen helemaal omheen rijden. Hier is dus echt een rondje om de kerk te doen. Die omrit dient om hoogte te winnen voor die 40 meter hoge brug.

De volgende dag heb ik dit treinritje gemaakt richting Hamburg. Het weer was nog slechter geworden, de eerste uren bleef het constant regenen. Ik had het plan opgevat om maar meteen naar huis te treinen en later in het jaar nog eens een kleine fietsvakantie te doen. In Hamburg dacht ik daar toch weer anders over. Daar scheen een zonnetje en het was er droog. Dus toch maar weer op de fiets gestapt. Probleempje was de oversteek om naar de andere kant van de Elbe te komen. Na wat zoeken vond ik een fietsbordje met daarop “Stade 42km”. Ik wist dat die plaats noordelijker aan de andere kant lag. Dat bordje wees daarbij naar de overkant van de Elbe, dus hier moest ik wel ergens het gewenste pontje kunnen vinden. Dat bleek dus een hogesnelheidspont te zijn die meteen vertrok richting Stade. Het kaartje viel me erg mee en deze verkapte Elbe-rondvaart leek me wel wat en was ook best interessant.

Binnen 40 minuten was ik in Stade, waarvan ik wist dat het een mooi binnenstadje heeft. Daar begon het weer te regenen en begaf ik me al snel naar het station om een trein richting Bremen te nemen. Die trein reed alleen in het weekend, nu had ik alleen de keus uit de richting Cuxshaven of Hamburg-Harburg. Dat laatste was toch korter en ik ging dus maar weer terug naar Hamburg. De speciale fietswagon was goed gevuld met nog 6 andere fietsen en fietsers. Die fietsvoorzieningen zijn trouwens heel goed in de Duitse regionale treinen. Veel ruimte. Nieder-Sachsen vraagt maar 3 euro voor de hele dag, in Schleswig-Holstein is het zelfs gratis. Ik had me ook laten verleiden voor een zogenaamde Nieder-Sachsen-kaart waarmee ik als passagier de hele dag in deze deelstaat (en Bremen) mocht rondtreinen. Na 10 minuten verminderde het rendement van die kaart behoorlijk. De trein kon niet door Buxtehude.

Volgens de stationschef was Buxtehude van de kaart. Wij dachten aan een kernramp, maar het bleek om een kapot sein te gaan. We zaten helemaal voorin en met het raam open konden we de gesprekken tussen machinist en stationschef goed volgen. Er was een monteur onderweg. Toen dat na een uur nog niets opleverde kwamen uiteindelijk de “Ersatz”-bussen. Het regende nog aldoor en na wat zeuren kreeg ik mijn fiets ook in zo’n bus.

Daarmee was de ellende niet over. Die bus ging tijdens de spits alle stationnetjes af om te zien of daar nog iemand op “onze” trein stond te wachten. Dit inventen, wat niets opleverde, nam nog een uur. Waar het veer 40 minuten over deed nam deze trein-bus-reis ruim 2 uur. Het leuke is wel dat je veel mensen spreekt die allemaal in het zelfde schuitje zitten. Kortom dit zwerftreinen of beter zwerfbussen was best amusant en gezellig. Naar Bremen had ik weer een trein die het prima deed. Dit oostduitse ontwerp had voor de fietsers een lage instap en een invalide WC. In dat toilet-zaaltje paste mijn fiets al 3 keer, maar dat was niet nodig. Het fietsen-compartiment bood ruimte aan zeker 10 verlengde tandems. Daar kan de NS nog veel van leren. Mijn redelijk korte fiets moet bij hen meestal met een half wiel voor de deur.

Inmiddels was het laat geworden en zag ik het niet meer zitten om de enige trein naar Groningen te pakken. Omdat Osnabrück ook nog net in Nieder-Sachsen valt, leek me dat een betere keuze. Daarvoor hoefde ik maar 5 minuten te wachten op Bremen. Maar ook via deze hoofdroute zou ik Alkmaar niet meer halen zonder overnachting. Ik begreep dat deze trein ook in Bohmte stopte, en dat leek me de juiste plaats om uit te stappen. Een jaar eerder had ik hier prima overnacht vlakbij het station. En inderdaad dit hotel stond er nog en er was nog een bed over. De dag erop wilde ik een kaartje kopen, maar dat ging niet met de enige kaartautomaat. Pin-passen slikte deze niet, net zo min als gewoon geld. Tot Osnabrück heb ik dan ook voor niets gereden. Vanaf daar was ik in no-time thuis. Wat rijden die Nederlandse treinen toch mooi op tijd en enorm vaak.

Deel 1Deel 2