Site-archief

Jul-31: 2a Dronten-Kampen

De volgende dag wilde ik het kort maken, hooguit 80km, om niet opnieuw last te krijgen van kramp. Via Swifterbant en de Ketelbrug kwam ik in de Noordoostpolder. Ik wilde nog even in Urk kijken, maar ook vanaf deze kant werd dat tegengewerkt. Het fietspad er naartoe was afgesloten.

De Urkers moeten er wel een bende van gemaakt hebben om mij zo stuctureel de toegang tot hun dorp te ontnemen. Dan toch maar direct via Nagele naar Emmeloord. Hier was ik nog nooit geweest en zo te zien was dat geen gemis. Mijn neef was stratenmaker, maar ik kon hem helaas niet op z’n kop geven voor de belabberde straten en dito betegelde fietspaden. Hij en zijn vrouw waren op vakantie. Niet dat dat zo erg is, zo heb ik een mooie reden om nog eens een keer langs te gaan als de boot naar Urk weer in de vaart is.

Via Marknesse reed ik Flevoland uit en Overijssel in. Meteen nam ook het aantal fietsers flink toe. Het was wederom schitterend en heet weer en Blokzijl bleek een heel aardig plaatsje te zijn. Hier trof ik ook weer de knooppuntroutebordjes die ik in Flevoland niet gezien heb.

Ook Vollenhove ziet er leuk uit, net als Zwartsluis, Genemuiden en Hasselt. Ik deed het rustig aan en slingerde wat over de oude dijken. In Hasselt hadden ze een handige oplossing bedacht om een kerktoren wat beter op de foto te krijgen. Ik heb er een kleine siësta gehouden en bedacht of ik naar Zwolle of Kampen zou gaan.

Zwolle was inmiddels dichterbij, maar naar naar Kampen zou ik de wind in de rug hebben. Die laatste optie won, ik had al genoeg tegenwind gehad. Het laatste rechte stuk door Mastenbroek ging dan ook met 40km/h. Ik bedacht er maar de weg te nemen, zoals de brommers moeten/mogen. Daarbij was de prachtige weg leeg en het smalle hobbelige fietspadje vol met fietsers die schijnbaar niet voor de wind hadden.

108km later was ik dus alsnog in Kampen. Volgens mij had dat korter gekund, maar zeker niet mooier.

(beginRoutekaart met foto’svervolg)

Advertenties

0044-WestFriesland

Het lijkt me wel leuk om de eerstkommende logjes wat meer te verhalen over m’n vakantie. Nadeel is wel dat ik dan weinig zal loggen over andere dingen die me bezig houden.

Door die eerder genoemde seinstoring ben ik al in Alkmaar op de fiets gestapt en dwars door West-Friesland gefietst. Ik weet daar de weg behoorlijk goed en fietste zoveel mogelijk langs de spoorlijn om te zien of er al weer treinen reden en sneed als het even kon flink af en probeerde vooral stoplichten te vermijden. Bij elkaar had ik 49km nodig om in Enkhuizen de veerboot te bereiken.

Het is er ook best mooi fietsen. Omdat ik mezelf geen oponthoud gunde ging ik ruim langs de achterkant van de Meisjesschool. Terwijl ik dat gebouw ook wel eens beter vanaf de voorkant wil bekijken. Mijn weg voerde ook hier langs de spoorlijn en dat schoot lekker op. Totdat die weg ophield en ik rechts- of linksaf moest.

Het werd rechtsaf omdat ik zo via de grote weg beter bij de veerhaven uit zou uitkomen. En plotseling was ik na 44km in Broekerhaven met die geinige overhaal. Je moet daar onder het overhaalgebouwtje doorfietsen en dat mikt vrij nauw met fietstassen achterop.

Ik was dus in het geheel niet van plan om hier langs te gaan en tijd voor een foto gunde ik me al helemaal niet. Dat hoefde ook niet omdat ik al eens eerder flink wat foto’s gemaakt had bij dit bouwwerk.

Ik heb toen zelfs een bewegend Gifje gemaakt waaruit de werking valt op te maken. Helaas heb ik het geval in al die keren dat ik er was nooit zien werken, en ook nu niet. Het gedoe met kettingen schijnt flink wat lawaai te maken. Uniek is ie wel. Ik heb nergens anders een vergelijkbaar geval gezien.

Begin met Kaart | Vervolg

TourFiets-verslagje 1999 deel-2

Op dit eiland is het prima (links) fietsen, ze hebben goede wegen. Gekgenoeg kreeg ik er wel een lekke band. Deze foto maakte ik aan de Noordkant. Na 60 km was ik het eiland rond en ging ik met een snellere veerboot naar Saint-Malo. Deze Bretonse plaats is best aardig, maar Mont-Saint-Michel is echt unique. Doordat ik hier op een vreemd tijdstip aankwam had ik geen last van de vele touristen die later op de dag kwamen. Vandaar ben ik meer naar het binnenland van Frankrijk getrokken en kwam ik door Le Mans, die een mooie oude binnenstad heeft. Ook overnachtte ik nog in Amboise. (Later hoorde ik dat Leonardo Da Vinci hier zijn laatste jaren doorgebracht heeft.)

Vanaf Amboise had ik, via Tours, een kastelen-route langs de Loire te pakken. Een prima fietsweg met een fraai uitzicht. Na Chinon, Loudun, Parthenay en Rochefort kwam ik midden in een moeras-gebied deze citadel Brouage tegen. Voor een fietser een doorgaande weg, voor het overige verkeer niet. Via een lange vlakke brug kwam ik op Oleron. Daar was nog zo’n citadel, maar minder mooi. Met dezelfde 5km lange brug ging ik weer terug. Door de harde Biskaaise wind ging ik nu 50km/h, heen was het maar iets van 13. Bij Royan kon ik met deze Pont naar de Medoc oversteken. Het was een vreemd veer, waarbij van de zijkanten geladen werd. Dat ging behoorlijk vlot.

In de Medoc kwam ik nog een groep Amerikanen tegen die hier per fiets een paar kasteeltjes bekeken. Het waren grappige maar vooral kitserige optrekjes. Bij Blaye veerde ik nog maar eens en trof ik daar alweer een citadel aan. In Cadillac werd ik ingehaald door een caravaan old-timers. Rond Castlejaloux trof ik nog een flink bosgebied. Een half jaar later zou dit voor 95% omwaaien. Was ik even mooi op tijd! In deze omgeving kwam ik door wat schilderachtige plaatsjes als Barbaste, Condom en Auch. En voor ik het wist fietste ik met de Garône mee de Pyreneeën in.

deel 1 | deel 2 | deel 3 (met kaart) | aanvulling 2016