Site-archief

Nov-27: 1572 Emden

Rond een half 10 vertrok ik uit Esens richting Wattenmeer. De ochtendmist was er weer en op veel plekken zag ik geen hand voor ogen. Erg link was dat niet, ik fietste over een dijkje waar geen auto mag komen. Bij Bensersiel zag ik net het pontje naar Langeoog voor mijn neus de mist in gaan. Niet dat ik dat zo’n drama vond, want zo’n vaartochtje en eiland in de mist zal ook niet veel aan zijn.

Ik fietste langs de Waddenzee westwaarts tot Domumersiel. het mag duidelijk zijn dat hier nogal wat siel-plaatsen zijn, zoals in noord-Nederland tig zijl-plaatsen voorkomen. Dit plaatsje was wel aardig. Verder langs deze mistige dijk zag ik niet zitten. Ik sloeg dan ook linksaf naar Domum, wat me iets groter leek.

Lees de rest van dit bericht

Advertenties

Nov-15: 1170 Scharnebeck

De laatste dagen had ik getwijfeld of ik niet meer richting noorden moest gaan zoals naar Schwerin. Het weer zorgde er voor dat ik voor zeker koos en de Elbe bleef volgen, waar regelmatiger een pension of dergelijk te vinden zou zijn. Bij Lauenburg wilde ik hooguit nog maar Geesthacht en dan afbuigen bijvoorbeeld richting Lübeck om zo in een grote boog om Hamburg te fietsen. Want Hamburg trekt me niet. Teveel haven, industrie, grote wegen en buitenwijken.

In Lauenburg zag ik wat rondvaartboten liggen. Ik overwoog om zoiets te nemen als het slecht weer zou zijn. In dat geval was het wel iets om met zo’n boot naar hartje Hamburg te varen. In het halletje van het pension lagen wat foldertjes. Daaruit bleek dat die rondvaartboten een heel andere kant op gingen. Ze gingen niet met de Elbe stroomaf- of stroomopwaarts, maar ze gingen naar het zuiden een stuk kanaal naar Wolfsburg op en neer.

Lees de rest van dit bericht

Oct-21: 0625-Vijfstromenland

Het zonnige weer bleek nog een dagje aan te houden. Toen ik uit Bitburg vertrok, had ik dan ook vlot bedacht om het deze dag niet al te moeilijk te maken. Ik zocht dus weer de Nims op en wilde daarlangs afzakken naar Echternach, waar ie via de Prüm in de Sûre uitmondt. Alleen ging dat niet helemaal goed. Ik liep ergens na Stahl op een heuvel vast bij het erf van een boer. Dus maar weer de heuvel af en toch een iets grotere weg opgezocht.

Dat werd een kruising verder meteen een hele grote autoweg waar de E29 over loopt. Ik mocht er waarschijnlijk wel op fietsen, maar dat leek me nix. Dus bij de eerstvolende afslag meteen rechtsafgeslagen. Toen trof ik het, van daar was er de Nimsroute. Een kilometer verder ging die over een oude spoorlijn en had ik een prachtig nieuw en breed asfaltfietspad onder de wielen. Ik was niet de enige. Hier fietsten veel meer recreanten, hele groepen die mij natuurlijk te traag gingen.

Lees de rest van dit bericht

Jul-29: Zwerfrondjes 9

Het is alweer een heel tijdje terug dat hier gegokt kon worden. Terwijl ik de laatste maanden toch heel wat leukje rondjes gefietst heb. Onderweg kwam ik deze sluis tegen. De vraag was: waar is dit is?

Onbewust gaf Christiaan de oplossing, maar stelde Liz het als eerste echt voor. Ze kunnen de prijs, een geheel onverzorgde voetreis naar Enkhuizen, delen.

Ik tikte dat dit een sluis betreft. Deze zit in de Vest, de verdedigingswal rond Enkhuizen. Zo’n sluis werd gebruikt als poort. De echte naam van deze sluis (in het verlengde van de Noorder Boerenvaart) kan ik nog niet achterhalen. De foto is genomen vanaf de hoek Noorder Boerenvaart-Kwakerspad.

Alkmaar kent 2 van deze sluizen, de Baansluis en de Lamoraalsluis. Daar zijn de schotten niet meer aanwezig. Bij de sluis op de foto zie je nog wel het opgetrokken schot. Hou de muispijl even boven de foto en aanschouw mijn prutserijtje. (Helaas werkte dit wel bij web-log.nl, maar niet binnen wordpress.com. Dus heb ik de plaatjes maar naast elkaar gezet.

Veel later kwamen er schutsluizen, dus 2 sluizen om een waterhoogteverschil te overbruggen. In het Engels noemen ze zoiets terecht ‘Locks‘.

Aanvulling 2017-09-30
Inmiddels is me duidelijk dat de waterpoorten/sluizen van Alkmaar en Slaet voorzien waren van ‘klapdeuren’ aan de stadskant. Zie hier.

0044-WestFriesland

Het lijkt me wel leuk om de eerstkommende logjes wat meer te verhalen over m’n vakantie. Nadeel is wel dat ik dan weinig zal loggen over andere dingen die me bezig houden.

Door die eerder genoemde seinstoring ben ik al in Alkmaar op de fiets gestapt en dwars door West-Friesland gefietst. Ik weet daar de weg behoorlijk goed en fietste zoveel mogelijk langs de spoorlijn om te zien of er al weer treinen reden en sneed als het even kon flink af en probeerde vooral stoplichten te vermijden. Bij elkaar had ik 49km nodig om in Enkhuizen de veerboot te bereiken.

Het is er ook best mooi fietsen. Omdat ik mezelf geen oponthoud gunde ging ik ruim langs de achterkant van de Meisjesschool. Terwijl ik dat gebouw ook wel eens beter vanaf de voorkant wil bekijken. Mijn weg voerde ook hier langs de spoorlijn en dat schoot lekker op. Totdat die weg ophield en ik rechts- of linksaf moest.

Het werd rechtsaf omdat ik zo via de grote weg beter bij de veerhaven uit zou uitkomen. En plotseling was ik na 44km in Broekerhaven met die geinige overhaal. Je moet daar onder het overhaalgebouwtje doorfietsen en dat mikt vrij nauw met fietstassen achterop.

Ik was dus in het geheel niet van plan om hier langs te gaan en tijd voor een foto gunde ik me al helemaal niet. Dat hoefde ook niet omdat ik al eens eerder flink wat foto’s gemaakt had bij dit bouwwerk.

Ik heb toen zelfs een bewegend Gifje gemaakt waaruit de werking valt op te maken. Helaas heb ik het geval in al die keren dat ik er was nooit zien werken, en ook nu niet. Het gedoe met kettingen schijnt flink wat lawaai te maken. Uniek is ie wel. Ik heb nergens anders een vergelijkbaar geval gezien.

Begin met Kaart | Vervolg

Dec-31: Hellingproef

Het heeft even geduurd, maar eindelijk heb ik dan mijn fietsvakantie op m’n website gezet. Deze keer heb ik het een beetje anders gedaan met een beeldverhaal. Ik vond het leuk om daar zelf iets in javascript voor te verzinnen.

zie Fietsvakantie-2005. **)

Zoals gebruikelijk trapte ik deze vakantie ook zomaar een eind heen, onder meer om wat af te vallen. Na een maand bijna niet gefietst te hebben lukte het wonderwel en had ik nergens last van. Een echte route heb ik nooit voor ogen, alles hangt erg af van het weer en wat ik onderweg tegenkom. Via horen zeggen en TV-documentaires heb ik wel wat dingen in m’n hoofd en als dat zo uitkomt, dan fiets ik op zoiets af.

Zo wilde ik altijd al eens Leuven en Soissons zien, wat deze vakantie dan ook lukte. In het prachtige VRT-programma ‘Bourgondisch Complot’ was me een oude scheeptunnel opgevallen, waar schepen met een ketting doorgetrokken worden. Ik had begrepen dat dat bij Ribemont was. Nix te vinden dus. Er lag wel een kanaal en een rivier, maar die gingen niet door een berg.

Bij het kanaal stond wel een touristisch plattegrondje waarop ik zag dat die tunnel aan de andere kant van Sint Quentin lag, zo’n 30km verderop. Daar had ik niet zoveel zin in, komt wel eens een andere keer. In Soissons zag ik dat er bij Braye-le-Laonnaise ook zo’n ‘Souterrain’ was. Die ‘Onder terreinse’ heb ik de volgende dag bekeken.

Een stuk verder net voor Sarrebourg zag ik zomaar een kanaal door een meer. Ook apart. Mijn ouders waren binnenschippers en ik heb een technische tic. Dus dit soort bezienswaardigheden vind ik mooier dan een Cathedraal (die ik overigens ook graag bezichtig).

Het mooist was een scheepslift in de Vogezen. In Sarrebourg wilde ik gemakkelijk met een kanaal mee over de Vogezen. Dat lukte niet echt en het werd toch klimmen over een 400 meter hoge heuvel. Op de kaart zag ik met kleine blauwe letters ‘Incliné’ wat schuine helling betekent. Ik had van kennissen ooit gehoord dat in de Vogezen, net als in het bekendere Belgische Ronquères, een scheepslift of ‘Hellend Vlak’ is. Een klein D-weggetje liep daar het dichtste langs.

Zo kwam ik door Arzviller waar ook een scheepstunnel uit de berg kwam. Een stuk verder kwam ik prachtig langs het kanaal te fietsen. In Lutzelbourg vond ik het wel vreemd dat ik naast wat oude sluisjes nog nix opvallends gezien had. In dit dorp stond een wegwijzer naar dat Plan Incliné ook zomaar de ander kant op. Ik besloot die borden dan maar te volgen ook al was het terugwaards.

Enkele kilometers verder zat een stel Britten op een vangrail en zag ik dat ze naar de scheephelling keken. Met mijn weggetje was ik er dus rakelings achterlangs en onderdoor gefietst en dat had ik nu pas in de gaten. Het is een soort dwarshelling en de beide kanaaldelen buigen uit naar het zuiden, dus van mijn achterlangsweggetje af.


Een mooi ding, dat nog maar 25 jaar oud is. Bij aanvang van m’n vakantie had ik niet in m’n hoofd om dit op te zoeken. Feitelijk bedacht ik het maar 15km van die plek.


**) Aanvankelijk had ik dit verslag met zelfverzonnen fotoscript op mijn website gezet. Toen die website de geest gaf heb ik bij Webminlog een HTML-pagina ingeladen. Maar bij WordPress.com mag beide niet. Ik heb ook geen andere plek meer om eigen HTML-pagina’s te stallen. De huidige (2013,5) oplossing is dat ik de HTML zelf in een Blogspot-bericht zet en vervolgens op de knop druk dat ie niet naar HTML-fouten moet kijken. Dit lijkt te werken.

Fietsvakantie 2003 deel 1

Fietsvakantie 12 Mei – 1 Juni 2003.

Net als een jaar eerder, bedacht ik ook nu naar Schotland te gaan om hun millennium-aanwinst te bekijken. Door de stijging van de Euro was het daar een stuk goedkoper geworden. Helaas regende het er flink en dat zou nog veel meer worden. Koud was het er ook, dus op het laatste moment heb ik (op maandag 12 mei) toch maar de trein naar Maastricht genomen. Niet dat de vooruitzichten daar zoveel beter waren, maar ik kon er op z’n minst nog een trein pakken richting warmer.

Het viel er mee, geen regen en een graad of 17. Prima voor een klein stukje infietsen. In de laatste maanden was ik niet verder gekomen dan een paar ritjes van 30km. Op de Belgische TV had ik rond kerst iets gezien over een mini-stadje genaamd Durbuy. Het leek me leuk om dat eens te bekijken. Ik wilde Luik ontwijken, maar dat lukte niet erg. Voor ik het wist reed ik door Jupille, wat het bier-voorstadje van Luik is. Dan maar eens goed het centrum van Luik bekijken, en dat viel best mee. Een deel lag op een eiland in de Maas.

Vanaf Liège was een mooi en rustig fietspad langs de Ourthe. Durbuy was me net te ver. In Poulseux – een gehucht met 1 kroeg, 1 frituur, 1 stationnetje – stond ook 1 nieuw hotel. Na bijna 80km kwam dat goed uit. De volgende morgen zag ik dus Durbuy. Het stadje was inderdaad heel aardig met een aantal leuke oude straatjes en een slot. Verder veel veel-sterren Hotels en een berg oudere bezoekers.

Tot Hotton heb ik de Ourthe gevolgd, daarna kwam ik bij de Lesse terecht. In Rochefort heb ik overnacht. Best een aardig stadje. Iets verder lag het bekendere Han, maar daar was in de vroegte weinig te beleven. Het weer was nog goed, dus maar genieten van de groene Waalse Ardennen. Dit bosrijke deel van Wallonië is vrijwel geheel leeg. Ik fietse op een prachtig N-weg waar ik hooguit 1 auto per kwartier zag. Voor Rochefort had ik al een paar felle buitjes gehad, maar dat was niets veregeleken met de bui die in de Franse Ardennen trof. Flink wat bliksem en een witte weg van de hagel. Gelukkig duren dit soort hevige buien zeer kort en even later was het weer weer prima en vooral zonnig. In Charleville-Mézières was ik lang geleden al eens geweest, ik herkende er weinig. In het centrum vond ik mooi achteraf hotel waar ik alleen vogels hoorde fluiten, van het drukke autoverkeer was niets te merken. Donderdag 14 mei wilde ik naar Soissons gaan, daar schijnen wat mooie oude kerken te staan. Met 23 graden was het lekker fiets weer.

Bij de Aisne aangekomen hoefde ik alleen maar met de wind in de rug zo’n 70km naar het westen. Helaas trof ik een flink gat in het asfalt. Dwz ik zag dit gat te laat en wist m’n voorwiel nog net op te trekken. Het achterwiel ging er vol in. Met een gangetje van 30km/h en 10kg bagage was dat fataal voor een spaak. Daarbij liep het wiel aan. Zelf kon ik de slag er maar gedeeltelijk uit krijgen. De spaak die aan de tandwiel-kant zat was doormidden gescheurd. Langs de Aisne was geen fietsenmaker te vinden. Garages konden me ook niet helpen. Na 15km kwam ik een fietsend echtpaar tegen wat uniek is want dit waren zo ongeveer de eerste fietsers die ik na Maastricht zag. Zij hadden prachtige nieuwe racefietsen en loodsten me naar de dichtstbijzijnde fietsenmaker, zo’n 25km zuidelijker in Reims. Het bleek dat zij fietsen voor deze winkel aan het testen waren. De zaak had net zoveel fietsen als de 5 grootste fietsenwinkels van Alkmaar bij elkaar. Dit was zeer strijdig met de afwezigheid van fietsers in (en rond) deze busstad. Ik werd wel meteen geholpen en was blij toe.

In Reims was het inmiddels 17 uur en ik besloot er te overnachten; Soissons moet maar wachten op een volgende keer. In 2001 was ik ook al in Reims geweest en had ik er de grote cathedraal van binnen bekeken. Nu was het weer veel mooier en kon ik wat foto’s van de buitenkant maken. De volgende dag ging ik verder richting zuid. Deze dag was zonnig en via een Route Champagne kwam ik via leuke kleine plaatsjes uit in Sezanne. Een dag later zag ik nog steeds van die Route Champagne borden. Of ze staan daar overal, of ze hebben mijn smaak als het gaat om mooie weggetjes.

Langs de Seine kwam ik in Troyes. Hier was ik ook al eens geweest en veel was nog herkenbaar. De oude vakwerk-huizen stonden er nog en de steegjes waren nog even smal. Het is goed te merken dat deze stad banden heeft met Alkmaar, her en der kwam ik vertrouwde fietsenrekken tegen.

Zondag 18 mei was betrokken maar droog. Via de TV begreep ik dat er een zootje rot weer aan kwam en ik probeerde dat te ontfietsen door naar het zuid-oosten te gaan. Dit bleek een heel mooi fiets-gebied te zijn, waar ik wederom van die Champagne borden zag. Ik had mijn zinnen gezet op Chaumont en dat lukte maar net. 2km voor die stad, bij dit spoorweg-viaduct begon het enorm te regenen. De volgende morgen begon met veel regen en Chaumont nodigde niet uit voor nog een dagje. Op het station zag ik dat er binnen 15 minuten een regionale trein richting Basel vertrok.

Foto’s deel 1 | Verslag deel 2 | Verslag deel 3 met Routekaart