Nov-24: Dag-11 Naar Duitsland

Zaterdagochtend 12 september begon wederom met prachtig weer en genoot ik mijn ontbijt op een caféterras in Belfort. Vervolgens zocht ik het Rhône-Rhine-kanaal op, dat ik toevallig op de dag af 2 jaar terug in de tegenrichting (dus Rhine-Rhône) fietste. Daarvoor moest ik een kilometer of 15 naar het zuiden als ik de fietsbordjes had aangehouden. Of in mijn geval 15km naar het zuid-oosten om zo een deel van dat kanaal over te slaan. Om die reden wel een stevige heuvel, maar ook een schitterende en zeer rustige weg.

Langs dat kanaal wilde ik richting Duitsland fietsen, zo ver was dat niet. Eigenlijk stuurde ik de laatste dagen al een beetje op Duitsland aan naar de gunstiger geprijsde hotels en beter te volgen bevolking. Frans gaat prima, maar Duits is toch een stuk eenvoudiger en 8 dagen franstalig vond ik inmiddels mooi zat.

Nou waren er behoorlijke buien en het einde van deze mooie nazomerdagen voorspelt. Nog geen 10km langs het kanaal fietsend diende zo’n bui zich aan, met eerst een paar verdwaalde druppels en opeens per emmer. Omdat het zaterdag was waren er veel fietsers langs dit eenvoudige, rechte en mooi geasfalteerde pad onderweg. En allemaal schuilden ze maar even, ik ook. Dat geeft toch een soort van saamhorigheid. Temeer omdat er langs dit kanaal weinig bomen en huizen staan. Je hebt de keuze uit ‘onder een brug’ die over het kanaal en het fietspad gaat of bij een sluis, waar soms een afdak of boom te vinden is. Het werd onder een brug met nog wat fietsers. Inderdaad allemaal uit de buurt en op racefietsen.

Na 10 minuten werd het drooggenoeg om verder te fietsen en tot mijn grote verbazing heb ik tijdens het fietsen geen druppel meer gevoeld. Het sombere weer zag ik in de verte over Zwitserland trekken. Omdat ik hier langzaam naar beneden fietste het Rijndal in en ik wat zuidwesten wind in de rug had schoot het lekker op en was ik zo in Mulhouse. Daar was een grote markt en die was zowaar zonovergoten. Daar was het ook rond de 24 graden. Zeer aangenaam als je bedenkt dat het in die bui niet meer dan 15 graden was. Ik heb er wat gegeten en ben toen verder richting Rijn gegaan. Dat deed ik langs een veel breder kanaal, maar ook veel leger. Ik heb er geen boot gezien, terwijl op dat veel smallere Rhône-Rijnkanaal, ten westen van Mulhouse, behoorlijk wat pleziervaart was te zien. Dit grote kanaal ging richting Basel, een plek waar ik de Rijn over kan steken, maar die drukke kant wilde ik niet op.

Dus waar dit kanaal een knik naar het zuiden maakte fietste ik ‘rechtdoor’ en kwam zo in Ottmarsheim. Daar gaat de A36 over de Rijn, maar die heeft geen fietspad. Ottmarsheim heeft wel een fraai katholiek ‘kerkje’. Op Google maps staat ‘presbytère’ wat pastorie betekent. In elk geval ging ik verder noordwaarts naar de eerstvolgende brug, waar ook fietsen over de Rijn mogen. En dat is bij Chalampé-Neuenburg. Twee jaar eerder verdwaalde ik hier nog behoorlijk aan de Duitse kant en nu wist ik dus wel het juiste pad te vinden.

In Neuenburg eerst maar wat ijs gekocht, dat in Duitsland stukken goedkoper is. Vervolgens bedacht ik dat het nog te vroeg was om een slaapplek te zoeken. Dus fietste ik nog een stuk verder richting Freiburg. Al met al redelijke fietspaden en op die manier kwam ik via Bremgarten (dat ik uit Zwitserland ken) in Bad Krozingen. Ook daar was het nog maar net half 5, maar door de rugwind stond inmiddels wel ruim 100km op de dagteller. Daarbij zag het park van Krozingen er fraai uit en zag ik overal hotels. Niet ongebruikelijk bij een kuuroord, maar voor dit moment ook wel handig. Zo had ik wat te kiezen. Voor hun gesloten VVV-paviljoen hingen dikke meeneem gidsen met ruim 50 verschillende overnachtingsmogelijkheden. Boven de 4 sterren liet ik linksliggen en de eerste 2 met 2 sterren waren gesloten of gaven niet thuis. Vervolgens zag ik er 1 met 3-sterren die ook veel 1-persoonskamers had. In zo’n geval ben je vaak beter af als 1-ling, dan wanneer je bij moet betalen voor het 1-persoonsgebruik van een 2-persoons 2-sterrenkamer.

Buiten waren ze met de voorbereidingen van een barbecue bezig. Ze konden dus niet doen alsof ze er niet waren. Het werd een prima 1-persoonskamer met een lekker hoog en stevig bed en een grote TV. Punt was wel dat de rest van de hotelgasten behoorlijk op leeftijd waren, maar daar heb ik doorgaans geen last van – ook nu niet. Er was een indoor zwembad en ondanks dat betaalde ik nog niet de helft van wat ik in Puurs moest dokken. Na de douche was het een stuk donkerder geworden en moest het licht in de kamer aan. Buiten gekomen was de barbecue al aan het verregenen. Ik ging dus op zoek naar een andere eetgelegenheid en stootte tot 3x toe m’n neus. Dwz er ware hele wachtrijen voor de restaurants. Ik liep gelijk op met een wat jonger Vlaams echtpaar, dat net zo vaak hun neus stootte. De regen was inmiddels toegenomen tot behoorlijk stort. Een paraplu had ik niet bij me en m’n capuchon is ook niet van de beste kwaliteit. Gezamelijk liepen we verder door het park richting dorp. Al snel zag ik wat partytenten en ging daar op af. Zij liepen verder en heb ik daarna niet meer gezien.

In die tenten bleek een ‘Oktoberfeest’ te zijn (was nog maar begin-September dus). Iedereen was daar welkom aan grote houten tafels en op het menuutje stond onder meer een worstsalade. Duidelijk meer worst dan salade, maar dat was me op dat moment worst. Ik had voer, een tafel, een bank, zat droog en natuurlijk met een halve liter prima regionaal gebrouwen bier. Goed dat ik deze afslag had genomen. Wie weet waren de restaurants in het dorp ook te krap bemeten voor de grote hoeveelheid bedden in dit oord. Een tafel verder zat een Duits paar, dat semi-fietskleren aan had; regenjassen met korte broek. Na het beleefd groeten liep het gesprek verder en al snel pakte ik m’n worstprak en bier op om bij ze aan te schuiven. Zij kwamen uit het dorp. Van hen begreep ik dat dit hun Oktoberfest was en dat er allemaal localo’s rondhingen.

Ze zaten er al een tijdje, maar namen net als ik toch nog maar wat vazen bier. Het weer was zo dramatisch slecht geworden dat zij de paar kilometer naar huis niet op de fiets aandorsten. Dat geplens op de tentdaken zorgde voor een gezellige sfeer. Natuurlijk waren ook zij geïnteresseerd in m’n Franse fietservaringen en dat ging me in het Duits een stuk eenvoudiger af. Verder even de complete wereldproblematiek doorgenomen en dan merk ik de laatste decennia zeer weinig verschil tussen de wederzijdse opvattingen. Als het aan ons lag dan waren de oorlogen zo voorbij en ook de migratie. Na een paar uur gingen zij alsnog door de stortregen huiswaarts en liep ik de halve kilometer naar het hotel. Alles wat ik onderweg aan regen had verwacht kwam nu als 1 grote bui in de avond naar beneden. Beter zo dat andersom.

Begin | Landkaartje | Vervolg

Advertenties

Geplaatst op 2015-11-24, in Zwerfmatig-15 en getagd als , , , , , , , . Markeer de permalink als favoriet. 7 reacties.

  1. Ah, dat doet goed, al is het maar ene keer… en helemaal alleen.

  2. Heb je mazzel gehad inderdaad. Het feest begint traditioneel om 12.00 uur op de eerste zaterdag na 15 september en eindigt normaal gesproken op de eerste zondag van oktober.

  3. Ja, dat kerkje in Ottmarsheim… tis misschien n beetje off-topi, maar toen ik dat vond, vroeg ik me af of er een verwantschap was met ons Overijsselse stadje Ootmarsum, of beide stadjes misschien ooit naar dezelfde Otmar genoemd zouden kunnen zijn.. :)

  4. @Jolie: Ik vermoed van niet. Mars betekent moeras en dat zal een aanknooppunt zijn waar ze beide aan voldoen. Oot of Ott zou wel eens iets als ‘Oud’ kunnen betekenen en en um en heim staat voor heem. Daarmee kan het wel eens dezelfde naam zijn. Zal dat nog eens na-etymologeren. ;-)

  5. @Ximaar, leuk! Nu snap ik ook waarom Maarssen ~moeras in de naamsbetekenis heeft.. :) Ik was aan het denken gezet door bijv. “Hilversum”, dat ooit “Hilvert’s””heim/heem” geweest zou zijn, de woonplaats van een persoon Hilvert. …Ooooh, maar ik lees nu op Wikipedia dat de website van de gemeente H’sum “Hilvert” met “heuvels” vertaalt… Tja. Ze zijn wel vaker eigenwijs hier ;-) tIs maar goed dat ik hier niet geboren ben ;-)

  6. @Jolie: Het is nog flink lastig uitzoeken, maar Ottmarsheim is vrijwel zeker naar Ottmar van St, Gallen vernoemd. Dat staat niet op enige Franse wiki, alleen op een paar Duitse: https://de.wikipedia.org/wiki/Kloster_Ottmarsheim

    Ootmarsum staat alleen op de Nedersaksische wiki (.nds) in combinatie met Ottmar, maar voor de rest nergens. Vraag me ook af of het klopt aangezien ze dan wel Ottmarsum hadden geschreven. In de buurt van Ootmarsum ligt ook Wietmarschen en nog wat van die moerasplaatsen. De koppeling met het geografische mars vind ik dus meer voor de hand liggen, maar dat is ook niet zo eenvoudig vast te stellen. Op een Duits document zie ik een koppeling met Odemari, een Frankische koning: https://de.wikisource.org/wiki/Topographia_Circuli_Burgundici:_Otmarsen

  7. Aah, Oot zou ook “oost” kunnen zijn en “Wiet” west..? Of… “wiet” kan ook “wijd” zijn, een ‘wijd moeras” zeg maar..
    En het kan ook altijd zijn dat mensen later hun (plaats-)naam interessanter hebben gemaakt (~Frankische koning). Maar tzijn leuke puzzelstukjes :-)

Reaxi (laat het e-mailvak leeg):

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s